Posts tonen met het label lezing. Alle posts tonen
Posts tonen met het label lezing. Alle posts tonen

woensdag 31 mei 2023

De Nederlandse Alkibiades


Als je de Arbeiderspers iets kunt nageven, dan is het wel dat ze alles uit de kast gehaald hebben om het nieuwe boek van Ilja Leonard Pfeijffer aan de man te brengen. Een persreis, minicolleges, optredens bij televisie en radio (hier en hier) en natuurlijk een rondgang langs de boekhandels.

En gelukkig (ja, ik ben ondanks al zijn ijdeltuiterij nog steeds fan van hem; hij schrijft gewoon prachtige boeken) deed hij bij zijn tour ook Nijmegen aan. Ik bezocht de lezing samen met mijn echtgenoot, wiens voorouders (aka de Perzen) ook in het boek voorkomen.

We hebben genoten, niet alleen van de man en z'n verhalen, maar ook van het publiek. In verband met mijn traagheid ter been ten gevolge van de operatie waren we er vroeg, zodat we een mooie plek (aan tafel) met goede stoelen konden bemachtigen. De plekken op de eerste rij (ook goede stoelen) waren al bezet door de grootste gretigaards. Dat gold ook voor de tweede en derde rij. De rijen daarachter bestonden uit dicht achter elkaar opgestelde klapstoeltjes, wat een vrouw de opmerking 'het lijkt wel Ryan Air hier zeg!' ontlokte.


Naast ons nam een vrouw plaats. Uit haar tas haalde ze een blocnote en pen tevoorschijn; 'ik kan me altijd beter op een lezing concentreren als ik aantekeningen maak'. Zij en haar man, die wat dichter bij de voorste rij op een gemakkelijke stoel zat, waren lid van een leesclub. Ik vermoed dat zij niet de enigen waren.

Anders dan bij andere lezingen was het een redelijk gemêleerd publiek, zowel qua man/vrouw als jong/oud. Eén jonge vrouw viel op door haar korte rok en netkousen. Eerst zat ze op de vierde rij, maar zodra ze de kans kreeg, wurmde ze zich samen met haar vriendin op de eerste rij. Vermakelijk om dit schouwspel vanaf een afstandje te bekijken. 

Om vijf over acht begon het geroezemoes en kwam de schrijver aangeschreden, in het gezelschap van de interviewster (Annemarie Haverkamp). Het was een leuk en openhartig gesprek en Ilja heeft ook nog wat voorgelezen. Een feit dat nieuw was voor mij was dat Pfeijffer in z'n jeugd klarinet heeft gespeeld en daar onlangs weer mee begonnen is. Het ontlokte aan Haverkamp de vraag of Alkibiades ook een instrument bespeelde. 'Hè?', dacht ik, 'dat staat toch (redelijk vooraan) in het boek?'. Oei, betrapt, ze had het boek dus niet (zorgvuldig) gelezen, terwijl ze net verteld had dat ze het al geruime tijd van tevoren in pdf-vorm gekregen had en in bed had gelezen. 

Mijn andere held, Nick Cave, zou het interview op zo'n moment meteen stopgezet hebben, maar Ilja deed of er niets aan de hand was en vertelde geduldig en bloemrijk het verhaal over de weigering van Alkibiades om de dubbele fluit te bespelen; dat was niet goed voor z'n mooie wangetjes. De lier was geen probleem, dus die bespeelde hij gewoon. Bij de boeklancering in Den Haag had de gelauwerde schrijver ter illustratie daarvan zelfs een echte Griekse lierspeler meegenomen; daar had ik graag bij willen zijn!

Maar ja, een mens kan niet alles hebben. Een (op verzoek) in het Grieks gesigneerd exemplaar is al heel wat, nietwaar?


Voor degenen die een indruk willen krijgen van het boek en de man: bekijk hieronder het fragment uit de uitzending van Buitenhof van afgelopen zondag en geniet!


donderdag 23 juli 2020

Maxim Februari in de Nijmeegse bieb


Als we vroeger uit de les van onze uitstekende leraar Nederlands Oltheten kwamen, renden we massaal naar de bibliotheek om de boeken die hij had aangeraden te gaan halen. Datzelfde gevoel kregen we bij de lezing van Maxim Februari, met dat verschil dat we al in de bibliotheek zaten. Welke boeken hij dan aanraadde?
- White teeth (en de andere romans en essays) van Zadie Smith
- De menselijke smet van Philip Roth
Ik heb het vermoeden dat ze voorlopig niet meer te krijgen zijn in de openbare bibliotheek van Nijmegen. Maar gelukkig is het vakantie, dan kan ik ze mooi gaan downloaden en lezen.

Waar de lezing over ging? Identiteit en groepsvorming. Wat identiteit dan precies is; dat is nog niet zo makkelijk te definiëren, net als ras en etniciteit. Diversiteitsbeleid, ook al zo iets. Hoe bereik je dat? Hoe tel je dat? En moet je dat wel willen tellen? Willen mensen eigenlijk wel geregistreerd staan als horend bij een bepaalde categorie? (daar gaat het werk van Zadie Smith onder andere over; als kind ontsproten uit een biculturele relatie wil ze noch bij de ene, nog bij de andere groep horen en tegelijkertijd bij allebei). Willen mensen überhaupt wel ongevraagd ergens geregistreerd staan? Want dat daar grote nadelen aan kleven, dat moge duidelijk zijn. Etnische profilering ligt dan sowieso op de loer, maar ook allerlei andere profileringen. Je wordt dan beoordeeld naar de groep waarvan de machine denkt dat je behoort. Maar - en dat is het gevaar - alle leden van de groep zijn anders, unieke wezens, met eigen mensenrechten, hoewel deze de laatste tijd wel behoorlijk op de tocht staan.

Het mooiste voorbeeld dat Februari gaf was dat van de groep LHBTI-ers, waartoe hij als transman behoort. Hij voelt hij zich, nu hij eindelijk in het goede lichaam zit, heteroseksuele man, niet homoseksueel dus. En toch worden mensen van de LHBTI-gemeenschap vaak over een kam geschoren als homoseksuelen. Transseksuelen zijn dat niet, of tenminste, niet per se. Uiteindelijk ben je altijd een individu met eigen kenmerken, voorkeuren en rechten en wil je dat ook zijn. Maar waarom mensen dan toch bij een groep willen horen? Omdat het sociale wezens zijn! En ze vaak sterker zijn als groep. Maar aan die groepsvorming kleven ook nadelen, namelijk dat elke inclusie ('wij zijn katholiek') automatisch ook exclusie veroorzaakt (de protestanten vallen hier namelijk buiten). Groepsvorming is vaak ook een vorm van machtspolitiek. Wij zijn Nederlanders, dus niet-Nederlanders vallen buiten onze groep. Voila, daar is de exclusie al.


'Gelukkig leven we in een rechtsstaat, dus heel veel kan er niet misgaan', bracht Marcel Becker van Radboud Reflects, die hem na de lezing interviewde daar tegenin. Tja, vertel dat de gedupeerden van de toeslagenaffaire van de belastingdienst maar eens. Tegen de overheid is het vaak moeilijk vechten, dat is wel gebleken....

Vandaar dat Februari zich - samen met Tommy Wieringa - bijvoorbeeld heeft ingezet tegen de invoering van het SyRIsysteem van de overheid.

Twee romanciers die zich inzetten voor de burgerrechten? Ja, want romanciers, dat zijn eigenlijk de enige overgebleven voorvechters van het individu.

Zo eindigde de boeiende lezing over de fenomenen groepsvorming en identiteit, in glasheldere taal gehouden door Maxim Februari. Niet in de chaotische brij van woorden die hierboven staat, maar ja, zo weet je zo'n beetje waar het over ging en gelukkig komt de opname van deze lezing binnenkort beschikbaar, dan kun je het zelf bekijken, iets wat absoluut aan te raden is als dit thema je interesseert.

Update:

Hierbij de opname:



zaterdag 20 juli 2019

Wim Daniëls en de taal


Ik kende hem eigenlijk alleen van zijn hilarische kritiek op het koningslied van destijds bij Pauw en Witteman, maar dat optreden was zo geweldig, dat zijn naam me altijd is bijgebleven. Oké, in de media duiken zijn naam en gezicht nog wel eens op, dus helemaal mijn eigen verdienste is dat niet.
Maar in ieder geval, toen er aangekondigd werd dat Wim Daniëls zou komen optreden in Nijmegen tijdens de Vierdaagsefeesten, heb ik meteen een kaartje gekocht. Want ja, taalliefhebber hè, net als hij.

En ik vond 'm meteen weer aandoenlijk met z'n beamertje, schermpje en tas met te verkopen boeken (ja, ik heb er na afloop een gekocht en laten signeren: De taal van de fiets, kon het niet laten).

De lezing/ voorstelling ging er met name over hoe zijn fascinatie voor taal ontstaan is en wat zijn mooiste etymologische ontdekkingen waren. Het woord eiland is er daar één van. Wat ik ook niet wist: het woordstukje ei in eiland heeft dezelfde stam als a(a), het Germaanse woord voor water. De Fransen hebben daar eau van gemaakt, zoals iedereen natuurlijk kent van eau de cologne, dat bij hem thuis olieklonje werd genoemd; zijn ouders hadden niet dezelfde fascinatie voor taal als hij. Wel voor het dialect, dat hij in z'n jeugdjaren maar moeilijk van zich afgeschud kreeg. Jammer dat hij geen gymnasium gedaan heeft (ik heb het voor de zekerheid even nagevraagd, hij heeft Mulo gedaan), want als die opleiding aan iemand besteed zou zijn geweest, zou het wel aan hem geweest zijn.

Ondanks zijn voorhuidvernauwing; tegenover de dokter (blijkbaar gingen zijn ouders niet mee naar de huisarts, wat een tijden!) durfde hij dat niet uit te spreken, vandaar dat hij het Griekse woord als veertienjarige van tevoren maar opgezocht had in de bibliotheek van Helmond: phimosis. Niet dat de dokter er iets van begreep, want hij legde de klemtoon verkeerd.

Gelukkig is dat later allemaal nog goed gekomen. Met zijn 'voorruit' (operatie) en zijn talenkennis. Hoewel, dat gymnasium had hij achteraf toch wel graag gedaan, denk ik. Nóg meer talen en oorsprongen. Maar dat zat er niet in vroeger, in een dorp.

En creatief met taal is hij evengoed. Eén van de laatste sheets was een rij woorden die sterk van betekenis veranderen als je de eerste letter weglaat. Een oordenboek is toch wel iets heel anders dan een woordenboek bijvoorbeeld.

Ik verheug me nu al op het ietsboek, eh, ik bedoel fietsboek.

vrijdag 3 mei 2019

Andere interessante lezingen op de LILAC


Maar natuurlijk waren er ook nog andere interessante lezingen op de LILAC. Wat daarbij vooral opviel, was dat informatievaardigheden inmiddels al lang niet meer alleen gaat over informatie zoeken, vinden en evalueren, maar dat er - onder andere geholpen door het ACRL-Framework - steeds meer aandacht komt voor (liefst open access) publiceren, datavaardigheden, en de nieuwste loot aan de boom: codeervaardigheden.

Wat dat laatste betreft was de lezing van MathildePanes uit Zwitserland een eyeopener: in Lausanne geven de informatiespecialisten 'gewoon' les in Python, Bash, Git, R en MySQL. Of ze daar een opleiding in gehad hebben. Nee hoor, gewoon zichzelf aangeleerd. En ze geven uitdrukkelijk alleen maar de basis: de gevorderden dienen zich bij de programmeurs te melden. Maar de basiscursus (Software Carpentry) is POPULAIR.

Tevens waren er goede workshops over het ARCL-Framework, waaronder een van onze 'new-kid-on-the-block' Nederlandse collega's Jaro Pichel, die voor z'n workshop gebruik maakte van de jigsaw-methode.

En over escaperooms, waarvan ik er helaas een heb moeten missen omdat ik zelf een presentatie moest geven.


Vermeldenswaardig was ook nog de keynotelezing van Carrol Littlejohn, hoofd van de vakgroep learning and teaching van de faculteit Sociale Wetenschappen in Glasgow, die ons bibliotheekmensen de keystone species within the universities noemde. Kijk, dan weet je waar je het over hebt!

Ze was ook een van de trekkers van het LLIDA-project, dat de basis heeft gelegd voor het Building digital capability project van Jisc. Geen onbelangrijke dame dus.
Ze heeft ook veel onderzoek gedaan naar MOOCs en hoe studenten daar hun eigen pad in kiezen, hoe zelfsturend ze daar in zijn en waar ze hun motivatie vandaan halen.

Verder vertelde ze ons hoe enthousiast ze was over het kironproject voor vluchtelingen in Duitsland waar ze aan mee heeft gewerkt ('we really have to emphasize literacy more than ever') en de Wikipediaschrijfsessies (ediathons) in Glasgow ('as people engage in tasks, you see a growing awareness of new responsitilities').

Daarnaast betoogde ze naar aanleiding van scholingsprogramma's in Afrika met betrekking tot voorlichting over het gevaar van bacterieresistentie voor antibiotica dat alleen cursussen niet genoeg zijn: je moet achteraf meten of er ook werkelijk gedragsverandering op de werkvloer heeft plaatsgevonden. Dat laatste lijkt me een hele nuttige tip.

Op het laatst kon ze het niet laten ons nog een keer extra een hart onder de riem te steken: 'Librarians have so much to offer and are being unutilized'. Kijk, nu hoor je het ook eens van een ander!

Enfin, haar laatste dia was wat mij betreft de klapper van de dag (let op de rode letters aan het begin van de opsomming telkens na de cijfers):


hier uitgebreider verslag van haar lezing

donderdag 2 mei 2019

De leukste lezing op de LILAC


De leukste lezing op de LILAC vond ik die van Jane Secker over Open Access en Informatievaardigheden: Information Literacy and Open Access: two movements - one aim?

De zaal zat dan ook, tegen haar eigen verwachting in, bomvol. Open Access (ze spreekt zelf liever eigenlijk van Open Science) is natuurlijk ook een hot topic in de bibliotheekwereld. En Jane had ook een behoorlijk sterk panel bij elkaar gezocht: Chris Morrison (copyright specialist), Claire Sewall (research support skills coordinator in Cambridge)  Stephen Wyber (beleidsmedewerker bij IFLA), Stuart Taylor (publishing director bij de Royal Society) en Elizabeth Gadd (research policy manager).

De aankondiging luidde als volgt:
This symposium explores the relationship between information literacy and scholarly
communication and how they both relate to the concept of openness. One important
aspect of that relationship is how to square open access with developing the literacies that both researchers and citizens need. It considers whether the open access movement has been more successful in highlighting its cause than those who champion for IL and the reasons for any differences. The panel will discuss whether open access without information literacy is helpful, or if information literacy without full access to publicly funded research is realistic. It will also consider the role that copyright education plays in both movements in light of the recent Statement on Copyright Literacy from IFLA.
Het was mooi dat het onderwerp van zo veel kanten belicht werd, en zeker ook van de kant van de uitgevers, in de persoon van Stuart Taylor. Hij benadrukte dat hij ook groot voorstander was van Open Access, en dat de uitgevers zeker niet als vijanden gezien moeten worden.

Evenwel verstrakte zijn gezicht behoorlijk toen Jane bij wijze van afsluiting van de discussie het laatste stukje uit P@ywall, the movie liet zien, waarin behoorlijk de vloer wordt aangeveegd met Elsevier (voor de vertoning hiervan zei ze trouwens nog netjes tegen Taylor dat hij dit waarschijnlijk niet zo'n fijn fragment zou vinden - dat was dus te zien, alleen voor dat gezicht was het al de moeite waard om aanwezig geweest te zijn!). Beetje een Robin Hoodstreek dus van haar, en dus zeer op z'n plek in Nottingham.

Verder waren er sterke dia's: wat vind je bijvoorbeeld van deze?


En een leuke werkvorm: discussie door middel van een world café. Daarbij had ik trouwens nog een moment of fame, toen Jane mijn opmerking als beste van de dag aanprees, namelijk dat als alle informatie Open Access beschikbaar zou zijn, maar de wereld niet informatievaardig, dat het dan net zou zijn alsof er een product geleverd zou zijn zonder handleiding.

Natuurlijk heb ik er meteen patent op aangevraagd :-)

Hier de hele presentatie (alle afbeeldingen zijn daar ook uit afkomstig)

Maar er waren zeker nog andere lezingen die de moeite waard waren. Zie daarvoor de volgende blogpost(s).

Janes eigen blogpost over deze workshop

maandag 18 juli 2016

You go, Rodaan!


Prima idee van de openbare bibliotheek Nijmegen om tijdens het zomerfeestengedruis ook een paar rustpunten te organiseren, zoals lezingen van schrijvers in de Stevenskerk.

Wat een genot om naar Rodaan Al Galidi te luisteren! Veel mensen hadden dat al ontdekt tijdens de DWDD- uitzending waarin hij door Adriaan van Dis geïnterviewd werd, maar echt, in het echt is hij nog leuker. Hij heeft humor en is een rasechte dichter, in die zin, dat hij het liefst in metaforen denkt. En hij houdt ons Nederlanders een spiegel voor, bijvoorbeeld met betrekking tot ons inhumane asielbeleid in zijn jongste roman Hoe ik talent voor het leven kreeg.

Maar ook in zijn gedichten, zoals in de fiets of de vergadering.

Hij vertelde hoe hij op advies van zijn vader bouwkundig ingenieur werd, maar dat eigenlijk niet zijn wilde - er komen wel veel verwijzingen naar bouwkundige elementen in zijn poëzie voor, dus zijn referentiekader heeft hij er in ieder geval gedeeltelijk aan kunnen ontlenen, een schrale troost. Zijn eerste twee romans (over en vanuit het perspectief van een schaap en, jawel, een WC) flopten, maar zijn net genoemde nieuwste roman (vanuit zijn eigen perspectief, over zijn tijd in het asielzoekerscentrum, die hij eigenlijk liever wilde vergeten) lijkt een groot succes te worden; dat had hij natuurlijk nooit verwacht (en de Bezige Bij, die het niet wilde uitgeven ook niet).

Hij kan er in ieder geval prachtig over vertellen en uit voorlezen. Eigenlijk, zo zei hij, had hij het boek 'de ontdekking van de hemel' willen noemen (maar dat klonk volgens de uitgever te Mullischiaans) en ook zijn voorstel om het 'het verdriet van Nederland' te noemen werd afgewezen (te Clausiaans).

Aangezien ik het boek al had, en ook bij me had - ik heb al vakantie en dan denk ik aan dat soort dingen - heb ik het laten signeren. Voor mijn dochter, met op mijn verzoek een aansporing om het uit te lezen en sowieso meer te lezen. Hij schreef er de volgende opdracht in: als je mijn boek leest, krijg je de volgende gratis!!! Echt :-)

Kijk, dan heb je bewezen dat je de Hollandse geest begrijpt.

Ook de Nederlandse vrouw heeft hij mooi getypeerd, en wel in het volgende gedicht uit Koelkastlicht:

De Amerikaanse vrouw zegt: ‘Ik wil met je vrijen.’
De Arabische vrouw zegt: ‘Maak kinderen met mij!’
De Franse vrouw zegt: ‘Zullen we zoenen?’
De Spaanse vrouw zegt: ‘Ik wil met je dansen.’
De Belgische vrouw zegt: ‘Rode wijn of witte?’
En de Nederlandse vrouw… Ach,
de Nederlandse vrouw zegt:
‘Ik wil oud met je worden.’

Ik zei het toch al: een spiegel!

zondag 3 april 2016

Jelle, de Oekraïne en de bibliotheek


Wel 500 man was er op afgekomen, op de lezing van Jelle Brandt Corstius over de Oekraïne in de openbare bibliotheek in Nijmegen. En het was een feestje. Een feestje wat het referendum over de Oekraïne - de aanleiding voor de lezing - niet is. Daar was Jelle BC heel duidelijk in. En dat kon hij goed uitleggen.

Net als waarom we met z'n allen 'ja' moeten gaan stemmen komende woensdag. Onze eigen onvrede over de medezeggenschap met betrekking tot EU-zaken afwentelen op een onschuldig, nou ja onschuldig, land als de Oekraïne. Juist nu het onze steun zo hard nodig heeft, want het staat op instorten. Geef ze in 's hemelsnaam de kans er daar weer een beetje bovenop te komen; ze verdienen het. En als ik de kranten er deze week op nasla, is hij bepaald de enige niet. We hoeven volgens hem ook niet bang te zijn dat het land zich bij de EU aansluit, want dat doen Chili en Zuid-Afrika, met wie dezelfde soort verdragen als nu met de Oekraïne zijn afgesloten, ook niet. Sowieso gaan stemmen, is zijn advies, want anders gaat het nee-kamp winnen en zitten we straks opgescheept met meer van dit soort zinloze (en dure) referenda, omdat de Geen Stijlers bloed geroken hebben.

In het begin ging de lezing overigens niet zozeer over de Oekraïne, maar over de avonturen van Jelle in Rusland. Daar kan de man, die eruit ziet en zich ook heel natuurlijk gedraagt als de ideale schoonzoon echt heel leuk over vertellen. Hij maakte daarvoor gebruik van foto's op een powerpoint, maar omdat hij alleen foto's gebruikte, leek het net een ouderwetse diashow.

Wat heeft hij zich verbaasd over de Russische cultuur! Over de corruptie, de alcoholconsumptie (bier wordt daar overigens niet eens toe gerekend - een te laag alcoholpercentage), de dingetjes als een telefoon zonder toetsen waar je alleen op gebeld kan worden (door wie dan?), deuren die nergens naar toe leiden et cetera. In het begin vond hij het allemaal vooral heel erg grappig, maar later won de ergernis het zo erg, dat hij het land na jarenlang correspondentschap toch maar verlaten heeft.

Maar er dit jaar toch weer op vakantie gaat.


donderdag 10 maart 2016

Tom Holland over z´n liefde voor Herodotus


Hoe ik erbij kwam om een lezing van Tom Holland over Herodotus op YouTube te bekijken, weet ik ook niet, maar ik vermoed dat het iets te maken heeft met de voorbereiding op het Cambridge Examen morgen en overmorgen: veel Engels luisteren, maar dan het liefst iets leuks en/of iets interessants.

Enfin, het voelde alsof ik naar een geestverwant aan het luisteren was. Ook ik was - o.k., een paar jaar later dan hij - ooit meteen gegrepen door Herodotus. Niet vanuit de Engelse vertaling, zoals hij, maar tijdens mijn eerste schreden op het gebied van Grieks.

De lesmethode die wij gebruikten, Peri Aristoon van Joseph Ysebaert, schotelde ons namelijk vanaf het begin teksten uit Herodotus' Historiën voor. Eerst zeer gesimplificeerd, later de échte. En ik was werkelijk gefascineerd door de prachtige verhalen over de Grieken, Skythen, Indiërs, Egyptenaren en Perzen. Vooral de Perzen. Of het door Herodotus komt dat ik uiteindelijk met een Pers getrouwd ben, weet ik niet, maar ik hield van ze, van hun voorliefde voor beschaving en gastvrijheid, hun stoere broeken (de Grieken vonden het overigens maar verwijfd van ze, dat ze broeken droegen, maar dat was makkelijk bij het paardrijden) en hun bourgondisch verfijnde leefwijze.

In zijn lezing benadrukt Holland ook mooi hoe Herodotus de niet-Griekse volkeren, waaronder dus de Perzen, de grootste vijanden van de Grieken, vol eerbied en interesse beschrijft; hij probeert als het ware in hun huid te kruipen. Sowieso was hij een soort Wikipedia van zijn tijd; als je iets van een bepaald volk wilde weten, dan zocht je het niet op internet op, maar bij Herodotus.

Wat een geschenk uit Halicarnassus, die Herodotus. Maar ook zijn vertaler en collega, Tom Holland. Geniet mee met zijn vertelkunst:

maandag 28 december 2015

Mooi jaar geweest


Dit jaar was zo mooi en druk, dat ik het niet eens kon bijhouden qua bloggen. Sommige hoogtepunten heb ik gewoonweg niet beschreven, en dat ga ik NU goedmaken.

Waar ik bijvoorbeeld niet over geblogd heb, zijn de UB-lunchlezingen die ik dit jaar samen met collega Joyce georganiseerd heb. En dat terwijl die toch ronduit spectaculair waren, met name de laatste, die gegeven werd door Jacqueline Fackeldey. Wat een energie en enthousiasme spatte daarvan af! Geheel tegen mijn gewoonte in heb ik de lezing met haar voorbesproken, want ze wilde zo veel mogelijk van onze organisatie weten. Dat zit haar eenmaal in het bloed: alles weten en pas dan conclusies trekken.


Naast dat ze ons goede tips (en complimenten) gaf op basis van wat ze bij ons online vond, zette ze ons tijdens de lezing ook aan het werk. En gaf ze ons soms tevens op onze kop/ stof om over na te denken: waarom al die Engelse termen in het beleidsplan en in de benaming van de afdelingen? Worden voorlopers in jullie organisatie gestimuleerd/ vrijheid gegund of juist 'in het hok gehouden'? Wat maken jullie eigenlijk waar van de ronkende woorden in jullie beleidsplan? Houden jullie je onderling ook aan jullie kernwaarden? En spreken jullie elkaar daar op aan? In hoeverre betrekken jullie jullie backoffice bij de klantprocessen? Waarom zijn jullie zo afdelings- en locatiegericht? Waarom worden de lunchlezingen altijd in de Centrale Bibliotheek gehouden? Hoe vaak loopt het management werkelijk rond op de werkvloer en probeert het te doorgronden wat er werkelijk leeft en hoe vaak lopen de werknemers rond om te begrijpen wat de klant werkelijk wil?

Maar Jacqueline is dan ook klantropoloog en snapt dat daar de focus van een bedrijf of organisatie moet liggen als men vooruit wil komen.

Een tweede hoogtepunt - want iets nieuws - was de cursus informatievaardigheden voor scholieren voor het OBC in Bemmel in het kader van hun nieuwe vak wetenschapsoriëntatie. Eén van de eerste vruchten van de samenwerking in het nieuwe team IV (waarvan ik trots coördinator ben).


Verder ben ik op kerstmiddag/ -avond samen met mijn dochter voor het eerst naar het glazen huis van Serious Request geweest. Prima vibe daar in Heerlen en fantastische eindshow.

En dan ben ik vast nog heel veel vergeten. Mijn cursus Cambridge Advanced bijvoorbeeld, had ik daar al over verteld? Al die essays die ik daar voor moet schrijven?

Er waren overigens niet alleen fijne dingen; ook zijn er twee mensen uit mijn vriendenkring dit jaar ernstig ziek geworden. Dat zijn zaken die niet zo snel in mijn blogs terechtkomen, maar die er écht toe doen. Naar hen en hun familie gaat dan ook mijn hart uit....volgend jaar hopelijk betere berichten daarover!

donderdag 5 maart 2015

Anchoring Innovation


Vandaag hadden we weer eens een boeiende lunchlezing op het werk. Het onderwerp was oudheid en innovatie: wat zouden wij van de oude Grieken en Romeinen kunnen leren op het gebied van innovatie? Want die hebben in die eeuwen dat ze de macht hadden, toch wel het een en ander geïnnoveerd (denk aan het omvormen van de staatsvorm tot een democratie in het 5e eeuwse Athene, denk aan de uitvinding van het geld, denk aan de wegen, huizen en aquaducten....).

Een interessante vraag in dat verband is hoe ze die innovaties aan de man brachten. Het antwoord daarop is eigenlijk heel simpel: door de nieuwe producten enigszins op de oude te laten lijken en/of door terug te grijpen op (eventueel zeer) oude voorbeelden. Of door ze te legitimeren door er een afbeelding van een godheid op te zetten (de godin Athene op het Atheens muntgeld).

Want mensen zijn rare jongens (wat dat betreft is er weinig veranderd): aan de ene kant houden ze van nieuwe dingen, maar aan de andere kant zijn ze zo conservatief als de pest en willen ze het oude en vertrouwde eigenlijk niet opgeven - een enkeling daargelaten).

Boeiende materie op levendige wijze verteld door professor André Lardinois, die onlangs anderhalf miljoen voor zijn landelijke project Anchoring innovation binnengehaald heeft.

Goed werk van deze geesteswetenschapper, die dat laatste voor elkaar heeft gekregen in een tijd waarin men vooral (en liefst alleen maar) geld wil pompen in techniek en bètawetenschappen.

Change perspective!

vrijdag 21 november 2014

Vrouw van middelbare leeftijd


Gisteren hadden we weer eens een interessante lunchlezing op het werk. Hij werd gegeven door - wat hebben we toch een fantastische professoren op onze universiteit rondlopen - Bart Jacobs.

Over Bart Jacobs is veel te vertellen: hij is veelvuldig in de media aan het woord en onder andere bekend van het kraken van de OV-chipkaart. Tevens is hij voorzitter van de raad van advies van Bits of Freedom. Maar bovenal is hij hoogleraar op het gebied van security en correctheid van software.

Zijn belangrijkste boodschap:
Vóór de digitalisering waren informatie en drager niet te scheiden, nu is dat niet meer voor te stellen; het heeft wel enorme consequenties voor de controle van informatie. Je kunt eindeloos informatie kopiëren zonder verlies van kwaliteit, het heeft geen zin meer voor overheden om boeken te verbranden, als de informatie er eenmaal is, is ze in principe vrij beschikbaar.

Maar dat heeft niet alleen maar prettige kanten (denk aan het elektronisch patiëntendossier) en overheden en commerciële bedrijven zoeken desalniettemin wegen om de informatie te controleren; de privacy van de burger is hierbij vaak het kind van de rekening ('door het internet zijn de burgers transparant geworden, niet de overheden'). Jacobs is dan ook een groot voorstander van het (laten) versleutelen van alle berichten die je stuurt en het mijden van grote commerciële bedrijven als Microsoft ('ik snap niet waarom publieke instellingen als de Radboud Universiteit niet overgaan op open source besturingssystemen als Linux').

Intermediairs als uitgevers zijn in principe overbodig geworden, tenzij ze waarde toevoegen aan het kale product; wat dat betreft zitten bibliotheken ook in de gevarenzone, meent Jacobs. De bibliotheek heeft hij naar zijn mening niet meer nodig. Gelukkig kwam op dat laatste behoorlijk wat weerwoord uit de zaal, want heeft de bibliotheek niet (mede) zorg gedragen voor toegang tot de bronnen op zijn computer en vinden zijn studenten het niet heerlijk om te studeren in de bibliotheek?

En hij maakte nóg een fout: hij noemde mij een vrouw van middelbare leeftijd. Daardoor was ik toch wel even van mijn stuk gebracht. Vrouw van middelbare leeftijd, mán, ik ben pas 46 en voel me eerder twintig dan vijf en vijftig! Ben nog lang niet in de overgang en was de enige die live twitterde tijdens de lezing. Nee, op dat moment was hij duidelijk even de weg kwijt.

Hoe oud hij dan zelf is? Dat heb ik natuurlijk meteen maar even opgezocht, want heel veel privacy heb je wat dat betreft ook niet meer tegenwoordig. Hij is maar liefst vijf jaar ouder dan ik, de mán van middelbare leeftijd......

Hieronder zijn TED-talk op de Radboud Universiteit anderhalf jaar geleden voor wie 'm 'live' wil zien:

zondag 16 november 2014

De term information literacy


Ik had beloofd dat ik nog meer zou schrijven over de presentaties bij ECIL 2014. Naast het geven en bezoeken van de presentaties over allerlei praktische zaken (my favorites) werd er ook volop over de terminologie, theorie rondom en onderzoek naar informatievaardigheden gesproken.

Wat wij in het Nederlands aanduiden met informatievaardigheden, wordt in het Engels information literacy genoemd. Maar net als in het Nederlands weet niemand wat er mee bedoeld wordt. En het spreekt ook nog eens niet echt tot de verbeelding. Wég met die term dus? Vervangen door media and information literacy, zoals tijdens de conferentie van vorig jaar voorgesteld werd?

Nee, zegt de ene groep. Ja, zegt weer een andere groep. Information fluency dan, stelt een ander voor. Nee, dat is het ook niet echt. En er zijn al zo veel andere alternatieven:

- digital literacy
- transliteracy
- meta literacy
- media literacy
- i-skills
- e-skills
- digital skills
- knowledge management
- personal information management
- etc.

'Get over it', meent Ross Todd (een van de grappigste en beste sprekers van het congres). Laten we onderling geen stammenstrijd uitvechten, want dat helpt de helderheid naar buiten ook niet. Wég dus vooral met de modelmania - google information literacy maar eens via 'afbeeldingen', dan zie je wat hij bedoelt - en aan het werk. 'Listen to the voices', 'we've got to move from finding to doing something with the found' zijn zijn adagia.

Drew Withworth, auteur van het boek Radical information literacy, houdt ook niet zo van allerlei opgelegde standaarden en vindt dat we de processen hieromtrent meer moeten democratiseren. Zelfs de beschermde status van de informatiespecialist mag overboord gegooid worden: 'Anyone can teach information literacy!'

Volgens hem is het beste artikel over informatievaardigheden nog altijd dat van de Nederlandse (!) Cees Hamelink uit 1976: An alternative to news.

Hmm, maar eens lezen dan!

vrijdag 28 februari 2014

Lezingencarnaval



'Bij welke leesclub zit jij?'
'Geen een, waarom?'

De mond van de vrouw naast mij viel open. Hoe kan dat nou, ze zit niet bij een leesclub en bezoekt toch een lezing van Nelleke Noordervliet. Ja mevrouw, dat kan, je kunt een lezing bezoeken zonder dat je bij een leesclub zit, ja zelfs zonder ooit een boek van de schrijver gelezen te hebben, zoals in mijn geval. Je kunt iemand bijvoorbeeld gewoon een interessant persoon vinden. En dan tussen 60-, 70- en 80-jarigen naar die persoon zitten luisteren. Niets mis mee, toch?

Je kunt haar verhaal bijvoorbeeld vergelijken met dat van de schrijver wiens lezing je de dag daarvoor hebt bezocht, in mijn geval A.F.Th. van der Heijden.

Of met het college van de sympathieke historicus Peter Raedts, dat je een paar dagen later zal gaan volgen.

En dan na gaan denken over wat al deze mensen te melden hebben over de relatie tussen feit en fictie, waarheid en speculatie.

Dat kan soms nog leuker zijn dan het lidmaatschap van een leesclub.
En zeker zo boeiend en vermoeiend.

zaterdag 18 januari 2014

Bezoek van Wilfred Rubens


Vandaag hadden we hoog bezoek: Wilfred Rubens, dé e-learningexpert (al is hij daar zelf wat bescheidener over) op het gebied van e-learning in Nederland gaf een lezing op de UB over blended learning.

Nu is blended learning helaas gewoon een vorm van fysiek en digitaal onderwijs en geen les met whiskey of zo, maar met behulp van blended learning middels slimme toepassingen van ICT kun je je lessen wel smakelijker en effectiever maken. En als je het nóg slimmer aanpakt zelfs op maat gesneden.

De lezing zelf was - onder het mom van practice what you preach - ook interactief: we mochten als zaal 'meepraten' via het student response systeem Socrative.

En natuurlijk kwamen de MOOCs ook even om de hoek kijken, al was het alleen al omdat MOOCs soms ook ingezet worden als vorm van blended learning: dan wordt bijvoorbeeld het inhoudelijke deel van de MOOC aan studenten ter voorbereiding aangeboden, terwijl er in de les/ het college verwerkingsopdrachten bij worden gemaakt of over wordt gediscussieerd. Alle mixen zijn mogelijk.
En het belangrijkste daarbij is natuurlijk, zoals de Romeinen al doorhadden, so what's new: variatio delectat.

Wat het in het vooruitzicht gestelde miljoen van Jet Bussemaker betreft: de OU zou er best voor in zijn om samen met de RU een MOOC te ontwikkelen. Wordt hopelijk vervolgd!

Zie hier het verslag (inclusief de slides) van Wilfred zelf.

zaterdag 23 november 2013

Fijn, die wintertuin!


De Wintertuin is een jaarlijks terugkerend literair festival dat heerlijk, bruisend en interessant is. En toch was ik er nog nooit geweest. Dat heb ik dit jaar goedgemaakt, althans gedeeltelijk. Want ik ben eergisteren naar maar liefst twee lezingen uit het rijke aanbod geweest.

De eerste lezing ging over de invloed van het licht op lezen en de tweede was een hilarisch college van Herman Brusselmans.

Het motto van de wintertuin van dit jaar is: het leven is al zwaar, laat de literatuur licht zijn; een motto naar mijn hart. Bij het Soeterbeeck Programma, een van de mede-organisatoren van dit festival, had men dit thema letterlijk opgevat en er een lezing over lezen met licht, oftewel digitaal lezen aan gekoppeld: maakt het verschil voor je beleving van het verhaal of je een boek vanaf papier of scherm tot je neemt?


Om dit thema te behandelen had men (visueel) cultuurwetenschapper Martijn Stevens uitgenodigd; na zijn lezing ging deze in debat met filosoof Cees Leijenhorst en het publiek over het thema literatuur en licht en met name de invloed van de digitale cultuur op het papieren boek en andersom.

En gelukkig is Stevens geen cultuurpessimist; hij ziet een toename van het verlangen naar (epische) verhalen in de (digitale) cultuur en vraagt zich af of we literatuur tot nu toe niet te 'eng' hebben opgevat. Tevens stelde hij, volgens mij terecht, dat met het toenemen van de mogelijkheden om digitaal te lezen, de belangstelling voor de materialiteit van het boek toeneemt, omdat men bang is dit te gaan verliezen; mensen uit de zaal verwezen ook naar de sfeer van en lichamelijke verbondenheid met het boek; die ontkende Stevens allerminst.

Interessant was ook zijn natuurwetenschappelijke benadering aan het begin van zijn lezing: als je papier terugbrengt tot z'n oervorm, kom je uit bij een atoom; als je datzelfde doet met een digitaal boek, kom je uit bij een foton, oftewel licht, oftewel energie.

Mooi toch, dat teruggaan naar de basis? Stof tot nadenken in ieder geval.

uitgebreid verslag door Soeterbeeck

maandag 21 oktober 2013

Broer en zus


De zaal bij het Regionaal Archief was vol. Stampvol. Het was dan ook een unieke gelegenheid: Broer Olivier en zus Kysia Hekster gaven samen een lezing over de verhouding tussen vorst en volk in respectievelijk de Romeinse oudheid en de moderne tijd.

Professor Olivier zoomde daarbij vooral in op de verschillen tussen de vroege Romeinse keizertijd (Augustus, die zich officieel geen keizer durfde te noemen) en de late oudheid (keizer Constantijn) en verslaggeefster Kysia op 'tsaar' Poetin en koning Willem-Alexander.

Het werd een dolle presentatie, waarbij vooral de interactie tussen broer en zus aandoenlijk om te zien was. Broer moest zus bijvoorbeeld helpen met het opstarten van een filmpje (dat overigens erg grappig was: de highlights uit de optredens van Boris Jeltsin) en Kysia probeerde gewiekst de wat moeilijkere vragen door te spelen aan haar grotere (maar jongere) broer Olivier. Af en toe overlegden ze ook samen, wat een man uit het publiek deed opmerken: 'laten we het wel centraal houden ja!'. Bulderend gelach, want iedereen was gecharmeerd van de twee.

Kysia heeft de koning nog nooit durven vragen wat hij van de Willemparodieën van LuckyTV vindt, gaat dat misschien ooit nog doen, maar verheugde zich in ieder geval nu al op het bezoek van de grote Willem-Alexander aan de kleine Poetin.

Een vorstelijk paar, die twee!

zondag 21 juli 2013

NTR Academie


In de vakantie is het meestal bagger wat de TV betreft. Behalve Zomergasten, maar zelfs daarvan neemt de kwaliteit behoorlijk af, hoewel je natuurlijk nooit weet hoe Wilfried de Jong het programma weer cachet kan geven.

Een verademing in deze modderpoel is dan ook het programma Academie, dat de NTR uitzendt. Dat is van tien voor half acht tot tien voor acht, ongeveer op DWDD-tijd dus, maar dan korter.

De serie begon mooi met Midas Dekkers, die vertelde dat vroeger alles beter was - of toch niet.

En ook donderdag heb ik geboeid gekeken naar het college van Justine Pardoen over opvoeden in een tijd van multimedia-prikkels. Want wat is het moeilijk om die pubers van die smartphone af te krijgen! Volgens Pardoen is het nodig dat ze daarvoor hun wilskrachtspier trainen. Want als ze dat niet doen, zullen ze zich steeds slechter kunnen focussen, waardoor diep nadenken en reflectie (over bijvoorbeeld de toekomst) steeds moeilijker zal worden. Zelfs examens van een uur of twee schijnen ze eigenlijk niet meer vol te kunnen houden. Ook slapen wordt soms moeilijk.
Let wel, hij hoeft dus niet weg van haar, alsjeblieft niet, maar moet wel verstandiger gebruikt worden. Interessant is het stukje waarin ze in gesprek gaat met scholieren hierover; stuk voor stuk geven ze toe dat ze eigenlijk gewoon zo verslaafd zijn als wat en geen minuut zonder kunnen, want ze zullen maar eens een berichtje missen.

Een ramp!

Get Adobe Flash

woensdag 30 januari 2013

Een gezongen geschiedenis van Frankrijk



Van Franse chansons wist ik eigenlijk heel weinig. Je ne regrette rien en ne me quitte pas, daar hield het zo'n beetje wel mee op.

Maar daar is nu verandering in gekomen door een gezongen geschiedenis van Frankrijk van Bart van Loo. Ik ben nog maar halverwege, maar wat een leuk boek is dat zeg! En het is tevens voor het eerst dat ik een boek met een tweede scherm lees, want het is natuurlijk gaaf als je de muziek hoort bij de tekst die je er over leest. Dat is eenmaal een van de voordelen van deze tijd. Van Loo heeft de belangrijkste liedjes uit zijn verhaal zelf op zijn eigen site al bij elkaar gezet, maar soms zap ik ook door naar You Tube zelf voor nog wat extra opnames of bijzondere uitvoeringen.

Hoe ik op het spoor van dit boek ben gekomen? Door good old DWDD natuurlijk, en dan met name de eerste aflevering (zie hierboven; uiteindelijk is hij daarna nog 3 keer teruggekomen en wie weet komt hij vaker?), waarin hij Matthijs van Nieuwkerk en Jan Mulder (en mij) helemaal wist in te pakken.

EN NU LEES IK DAT HIJ OP 6 FEBRUARI NAAR NIJMEGEN komt! Qui vient avec moi?

zondag 28 oktober 2012

Camerons lezing


Afgelopen dinsdag was het dan zo ver: de lezing over Open Access van Cameron Neylon op de RU in samenwerking met het Soeterbeeckprogramma.

Het idee om als UB iets met het Soeterbeeckprogramma te gaan doen stamt al uit februari; we zochten toen een gemeenschappelijk en actueel thema dat tevens als scholing voor het personeel zou kunnen dienen. En voila, die opzet slaagde: we kwamen uit op het thema Open Access.

Voor de lezing zochten we een aansprekende figuur, liefst een beetje swingend, een die ook jongere mensen zou aanspreken, net zoiets als Rob Wijnberg die een half jaar eerder door het Soeterbeeckprogramma was uitgenodigd, wat een groot succes werd. We kwamen uit op Alexander Klöpping. Die bleek echter niet zo enthousiast en bovendien te duur. Dat viel ons even vies tegen.

Maar niet getreurd; een stukje verder op de zoektocht kwam de Britse biofysicus Cameron Neylon op ons pad. Misschien niet zo hip als Alexander, maar wel een internationaal befaamd spreker als het om Open Access gaat; de eis dat we per se iemand in het Nederlands wilden hebben, hebben we for his sake maar laten varen.

Nu we de lecturer hadden, was het programma eromheen niet meer zo moeilijk: om de lezing meer cachet te geven, hebben we een lid van het College van Bestuur en de bibliothecaris uitgenodigd en voor de vrolijke en feestelijke noot hebben we de première en de prijsuitreiking van de studentenfilmpjes rondom het thema Open Access laten plaatsvinden. Tevens hebben we twee van de 'ru4openaccess' ambassadeurs bereid gevonden in een forumdiscussie plaats te nemen, wat de zaak nog verder verlevendigde. En de jongens van de tekeningen uit Delft uitgenodigd voor een ter plekke gemaakte visuele presentatie. En natuurlijk was er een borrel achteraf en gingen we met een klein groepje achteraf wat eten.

Al met al was het een groot succes, al hadden we wel iets meer publiek verwacht voor zo'n belangrijk onderwerp. Maar ja, je weet het hè, de wetenschappers van tegenwoordig hebben het vooral DRUK!
De samenwerking met het Soeterbeeckprogramma is in ieder geval heel goed bevallen. Zelfs foto's en verslag hebben we niet zelf hoeven te maken; die staan gewoon (open access) op hun site!

*leunt achterover*