Posts tonen met het label vakreferenten. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vakreferenten. Alle posts tonen

vrijdag 15 april 2022

Bezoek aan de Tweede Kamer

Van de roltrap in de Tweede Kamer met uitzicht op de KB

 Afgelopen dinsdag hadden we - eindelijk weer live - ons halfjaarlijkse vakreferentenoverleg Geschiedenis. In Den Haag deze keer, in de KB.

Het was een prachtige dag, zowel qua weer als qua treinreis, inhoud en onderlinge sfeer. Jammer dat er twee zieken waren, anders zou de dag nóg completer geweest zijn. De ontvangst in de KB was zoals gebruikelijk hartelijk en de presentatie over de overgang naar Alma en Rosetta indrukwekkend. Wat een kanjers die metadataspecialisten daar!

Na de lunch togen we naar de overkant voor een bezoek aan de Dienst Informatie en Archief van de Tweede Kamer; ons landsbestuur zetelt tijdens de verbouwing van hun normale stek aan het Binnenhof immers in het voormalige pand van het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Náást de Koninklijke Bibliotheek, dus naast het intellectuele hart van Nederland. Ik vermoed dat de huidige lichting bestuurders dus een stuk belezener is dan de lui van vóór de tijdelijke verhuizing. Of is dat ijdele hoop? Ja, dat is ijdele hoop, want ze zijn nog niet of nauwelijks gesignaleeerd in de KB.

Nee, als ze informatie nodig hebben dan wenden ze zich tot de Dienst Informatie en Archief. Ze melden zich dan bij het inpandig Centrale Informatie Punt, alwaar ze verder worden geholpen. En natuurlijk willen ze die informatie altijd zo snel mogelijk hebben. Vandaar dat er een efficiënt prioriteringsprotocol gehanteerd wordt en, nog slimmer, de kamerbewoners (= tweedekamerleden plus staf) door de dienst zo snel mogelijk zelfredzaam gemaakt worden. Hoe? Door het geven van cursussen, jawel, informatievaardigheden!

Centraal Informatie Punt Tweede Kamer

Hoe herkenbaar! En hoe herkenbaar ook het vraag- en antwoordsysteem dat ze gebruiken: Topdesk! Net als wij! Onze wetenschappers, docenten en studenten krijgen dezelfde vorstelijke behandelingen als de Tweede Kamerleden! In tegenstelling tot ons, de UB's, hebben ze bij de DIA echter geen ruimtegebrek als het om het plaatsen van de boeken gaat. Momenteel dan, want dat komt wel weer als ze weer terug moeten verhuizen. Want op het Binnenhof is het krap. Maar wel mooi: daar hebben ze namelijke de zogenaamde Handelingenkamer. Jammer dat we daar niet in konden, maar we zijn wel uitgenodigd voor een bezoek als het allemaal klaar is. Tot die tijd moeten we het met deze video doen:

zondag 4 november 2018

Latijnfontein


Afgelopen week was ik voor een landelijk overleg voor mijn werk naar de culturele hoofdstad (Leeuwarden). Het was zoals altijd een nuttig overleg. Vakreferenten klassieke talen deze keer.

Eén van de sprekers was iemand uit onze gelederen, namelijk Jacob van der Sluis. Hij was betrokken bij de samenstelling van de tentoonstelling Land van Latijn in Franeker en vertelde onder andere een boeiend verhaal over de positie van het Latijn op de universiteit tot een eeuw of anderhalf geleden, waar hij onderzoek naar had gedaan. Was daar ook kritiek op, net als op het Engels als academische taal op de universiteiten tegenwoordig?, vroeg hij zich af. Dat bleek niet zo te zijn, het Latijn had lange tijd een stevige positie op de universiteiten en het was ook een mooie manier om je te onderscheiden van het gewone volk.

Wel werd het door alle nationaliteiten die de universiteit bezochten, op een andere manier uitgesproken: je had Nederlands Latijn, Engels Latijn, Hongaars Latijn et cetera. Net als dat je nu Frans en Duits Engels hebt.

Om dat te illustreren was men bij het museum op het lumineuze idee gekomen om voor de tentoonstelling een zogenaamde Latijnfontein te maken. Een prachtige uitvinding: als je op een knopje op deze 'fontein' drukt, krijg je het Latijn uitgesproken door verschillende nationaliteiten te horen.

Geweldige vondst! Jammer dat de tentoonstelling al voorbij is, want die had ik best in het echt willen zien en horen. Maar, zo werd ons beloofd, wie weet gaat de Latijnfontein nog op tournee.

Jacobo volente dan.

zaterdag 15 april 2017

NIOD en Netwerk Oorlogsbronnen


Bij het vorige geschiedenisvakreferentenoverleg bij het NIOD was ik te laat. Vertraging, NS, je weet zelf. Maar nu was ik dus op tijd. Er was alleen geen rondleiding dit keer, die heb ik dus definitief gemist. En ze hebben juist zo'n mooi gebouw, daar aan de Herengracht!

Maar het was goed om iedereen weer eens te zien en met elkaar bij te praten. En bijvoorbeeld te merken dat we niet de enige bibliotheek zijn die klachten van gebruikers krijgen over de (landelijke) overgang naar het nieuwe bibliotheeksysteem.

's Middags kregen we uitleg van Lizzy Jongma en Tessa Free over een mooi nieuw initiatief, waarbij het NIOD als partner fungeert; het bijeenbrengen van alle oorlogsdocumentatie die nu verspreid over Nederland aanwezig is: Netwerk oorlogsbronnen. Dat lijkt een fluitje van een cent, maar is in werkelijkheid behoorlijk lastig omdat iedere instelling (ze hebben nu inmiddels het materiaal van 400 instellingen via linked open data aan elkaar gekoppeld) andere software, formats en trefwoorden (heeft) gebruikt.

Mocht je niets te doen hebben, dan kun je helpen: ze zoeken nog mensen om het vele materiaal dat nog niet gedigitaliseerd is, te scannen of fotograferen. Geld storten mag ook.

Veelbelovend, deze site.

zondag 17 april 2016

IJwit


Het is altijd fijn om in Amsterdam te zijn. Voor even dan. Afgelopen dinsdag moest ik er voor een vergadering (vakspecialisten geschiedenis) heen.

Vaste prik is dat ik dan met Thomas, een oud-studiegenoot, afspreek. Dat levert naast goede herinneringen aan vroeger (we spreken meestal heel toepasselijk af in café de Jaren) ook altijd wat nieuws op. Dit keer een voor mijn nieuw witbiertje: IJwit. Dat kun je volgens mij niet krijgen in Nijmegen; Waalwit zou misschien een goede concurrent kunnen worden, maar daar zijn ze nog niet opgekomen in het Nimweegse.

De vergadering was ook interessant: altijd fijn om je vakgenoten uit het (nieuwe) werkzame leven weer eens te treffen. Grappig om te zien dat overal min of meer dezelfde processen en ontwikkelingen spelen. En dat iedereen op andere, maar veel vaker nog dezelfde oplossingen uitkomt. We moeten in elk geval allemaal iets met e-learning, datamanagement, embedded librarianship, open access, discovery tools en PDA's. Soms doet iemand eigenwijs: Utrecht heeft bijvoorbeeld geen discovery tool: interessant om te volgen.

Ook interessant: na de vergadering kregen we een rondleiding door de bijzondere collecties van de UvA en met name de Out of the box tentoonstelling, waarmee ze een beetje in de voetsporen van het PopUpmuseum van DWDD treden (maar het natuurlijk niet zo mogen noemen).

Ik zei toch al: het is altijd fijn om in Amsterdam te zijn.

woensdag 16 april 2014

Utile et dulce



Story of my life: als het even kan probeer ik het nuttige met het aangename te verenigen. En gisteren en eergisteren is dat weer eens uitstekend gelukt. Maar hoe kan het ook anders, met die zee aan gastvrijheid in Middelburg.

De nuttige aanleiding was een overleg vakspecialisten in de Zeeuwse Bibliotheek. En die is best ver van Nijmegen. 'Maar jullie mogen allemaal blijven slapen, hoor', zei de organiserende vakspecialist, in de veronderstelling dat er anders misschien niemand zou afreizen naar het pittoreske plaatsje. Een dagje Zeeland, dat bleek echter niemand zich te willen laten ontnemen, maar gaan logeren bij een collega, dat ging eenieder te ver; mij, aanhanger van het dulce, niet.

Hoewel het eigenlijk best spannend is - dat geef ik toe - om te blijven slapen bij een collega, die je eigenlijk niet eens zo goed kent, vond ik het wél leuk om die persoon beter te leren kennen. En zeker omdat hij net zo gefascineerd is door de Perzen als ik. Hij bood aan om voor mij, verwende donder die ik ben, een Iraanse maaltijd te bereiden. En wat bleek (dit soort dingen ontdek je meestal niet bij vergaderingen): hij is een uitstekende kok. En een ECHTE intellectueel. Ik bedoel: wie zit er tegenwoordig nou gewoon voor z'n plezier Proust in het origineel te lezen (A l'ombre des jenes filles en fleurs lag achteloos op tafel), spreekt vloeiend Perzisch, Hebreeuws, Russisch, Arabisch, Grieks, Italiaans, en dan natuurlijk 'gewoon' Nederlands, Frans, Duits, Engels en Latijn. Daar word je toch wel een beetje stil van....

Omdat Middelburg voor de meeste mensen een lange reistijd vergt, begon de vergadering pas om half twaalf. Bon, dan kon ik van tevoren mooi nog even koffiedrinken met een andere ster van de Zeeuwse Bibliotheek: Fabiola. Hoe die afspraak tot stand is gekomen, heeft zij smakelijk beschreven in haar weblog; de aanleiding was een tweet met foto van witte chocolade met gevriesdroogde frambozen van het befaamde Zeeuws Ministerie van Chocolade & Culinaire Zaken die zij op Twitter had geplaatst en mij aanbood met haar te komen eten. Tja, dat laat ik me geen twee keer zeggen!


Via Fabiola leerde ik Alinda, de hartelijke en goedlachse informatiespecialist en mediacoach, kennen. Zij vond het tof om na afloop van de vergadering mee een biertje te komen drinken samen met Edwin (die heeft toch geen introductie nodig?), met wie ik om 4 uur een afspraak ik zijn stamkroeg had. En omdat dat zo gezellig was, ben ik daar uiteindelijk véél langer gebleven dan mijn bedoeling was en dat lijkt me geen slecht teken, toch? Want ook daar werd ik letterlijk overspoeld door gastvrijheid en leerde ik onder andere de minister van het Zeeuwse Ministerie van Chocolade kennen; geen slecht contact!

Mijn conclusie van de dag: collega's zouden veel vaker met elkaar moeten eten, drinken en logeren. En naar Zeeland gaan.

Edwin onderwijst Alinda in het gebruik van Snapseed

woensdag 20 november 2013

In den lande....



Veel verschillen, maar vooral ook veel overeenkomsten, dat is meestal de conclusie van het landelijke vakreferentenoverleg, in dit geval geschiedenis, waar we de onder andere de best practices bespreken.

De mooiste best practice vond ik die van een lid van het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis, die de website barmbib.nl (de barmhartige bibliothecaris - tegen ontheming van collecties) heeft opgericht: káppen met het kortzichtige beleid van onze regering, zo luidt de terechte boodschap aldaar.
Gelukkig gaan ze bij het IISG ondanks de dreigende forse bezuinigingen in ieder geval keihard door met digitaliseren (met behulp van een METSviewer van de Library of Congres, waarmee het mogelijk om verschillende media als beeld en geluid naadloos aan elkaar te koppelen).
En verder wacht men af wat er terecht zal gaan komen van de plannen om alle afdelingen geesteswetenschappen van de KNAW (o.a. IISG, NIOD en KIT) samen te voegen.


Bezuinigingen en reorganisaties, daar hebben de bibliotheken van de VU en de Erasmusuniversiteit Rotterdam ook mee te maken. In Rotterdam lijkt de bibliotheek 'opgedeeld' te gaan worden, terwijl de verwerving en verwerking van de boeken uitbesteed zal gaan worden aan een commerciële partij. Verder lijken alle kaarten op de medische en bedrijfskundige/economische tak van de universiteit gezet te gaan worden en dreigen de humaniora naar Leiden en/of de LeesAcademie te worden overgeplaatst. De magazijnen zullen zo veel mogelijk worden leeggemaakt.

In Leiden zijn ze ondertussen blij met het deel van de tropenmuseumcollectie die ze hebben kunnen overnemen, al kost het verwerken ervan nogal wat hoofdbrekens. Ook de Leidse campuslocaties in Den Haag doen het goed. Het overzetten van de boeken naar het Library of Congres-systeem heeft daarentegen wat minder goed uitgepakt, tenminste waar het geschiedenis betreft: de gebruikers zijn er niet bepaald enthousiast over en voor de vaderlandse geschiedenis is het LoC-systeem niet toereikend genoeg.

Ook bij de UvA is men bezig met het omzetten naar het LoC-classificatiesysteem; dit gebeurt door de afdeling metadatadiensten, maar dat is nog niet eens het grootste thema; het grootste thema is de deselectie: 40% van het materiaal zal moeten worden overgeplaatst en gedeselecteerd/ verkocht.

Uit Utrecht konden we een nieuw lid aan onze club toevoegen. Opvallend dat er steeds meer gepromoveerden als vakreferenten aangesteld worden: is hier sprake van een trend?
In ieder geval is duidelijk dat de vakreferent-van-nu meer taken in minder tijd moet doen. Het lijstje met taken is bijna niet meer te overzien en gaat van collectieopbouw, -advies en -beheer naar acquisitie, onderwijs, begeleiden van wetenschappers met datamanagement, datamining, bibliometrie, altmetrics, impactmetingen en publiceren en ga zo maar door.

Gelukkig maar dat we een kranig soort zijn en veel met elkaar delen!

woensdag 12 juni 2013

Landelijk vakspecialistenoverleg klassieke talen - zonder vakspecialisten


Zoals beloofd, zou ik nog terugkomen op ons landelijk overleg vakreferenten klassieke talen.

Dat werd gehouden in de UB binnenstad van Utrecht. Daar ben ik nu een paar keer geweest en iedere keer als ik er kom denk ik weer 'wat is het mooi geworden!' Modern, smaakvol, ruim, licht en kleurrijk ingericht, ondanks het alom aanwezige strakke wit en grijs, en vooral: met heel veel respect voor de geschiedenis van het pand, dat ooit gebouwd is als paleis voor Lodewijk Napoleon.

En het aardige is, dat het ook nog eens bevolkt is door sympathieke mensen, zoals Joost, die deze keer onze gastheer was. En de vergadering was ook nog eens zinvol.

Maar er was ook iets vreemds aan de gang; bij het vakspecialistenoverleg klassieken was - op mij na - geen enkele classicus aanwezig. De collecties klassieke talen van de Nederlandse universiteitsbibliotheken worden beheerd door een kunsthistoricus, een Egyptoloog, een filosoof, een musicoloog en ga zo maar door. En dat is toch wel jammer, dat er een beweging op komst lijkt te zijn van het verdwijnen van de domeinspecialisten humaniora bij de universiteitsbibliotheken (hoewel de UvA niet te klagen heeft met 14 fte op dat vakgebied: jaloers, jaloers).

De advertentietekst voor een vakreferent humaniora (0,5 fte) bij de UB Utrecht spreekt wat dat betreft boekdelen. Als eerste taak wordt genoemd het 'opbouwen en onderhouden van een relevant relatienetwerk binnen de Faculteit Geesteswetenschappen, speciaal het departement Geschiedenis en Kunstgeschiedenis (of Wijsbegeerte of Religiewetenschap en Theologie), en met vakgenoten binnen en buiten de UBU'.

Maakt niet uit wat je gestudeerd hebt, als het maar iets met letters was....

woensdag 10 april 2013

Dansen met data


Sommigen dansen met sterren, anderen met Delsing. En bij DANS (Data Archiving and Networked Services) danst men met data. Wij, vakreferenten geschiedenis van Nederland, hadden het geluk er een kijkje in de keuken te kunnen nemen, aangezien een van de deelnemers van ons landelijk overleg werkzaam is aldaar.

En de wereld van de duurzame opslag van data en alles wat daarbij komt kijken (verouderde systemen, CD-rot, verschillende formats, verdwijnende websites, toestemmingen, vertrouwelijkheid, veranderende beleidslijnen, fusies) werd ons in het mooie gebouw ('hier is nog geld') geopenbaard. Duurzame opslag van data blijkt vooral goed geregeld bij de sociale, historische en archeologische wetenschappen. De rest volgt onder druk van NWO nu ook. En jawel, er draait ook een pilot voor de psychologen.

Mooie projecten waar DANS aan meewerkt/ meegewerkt heeft zijn onder andere Getuigen Verhalen, Veteran Tapes, National Accounts, Nederlandse Volkstellingen en Ariadne.

Neem er eens een kijkje, zou ik zo zeggen. Want het is er FEEST; data zijn hot!

woensdag 10 oktober 2012

Sine Petro


Vakspecialistenoverleg van de eigen discipline is altijd inspirerend en zo ook gisteren het landelijk vakreferentenoverleg oude talen in Amsterdam bij onze fantastische gastheer Peter.

En omdat het de laatste keer was dat Peter bij ons overleg was (hij gaat met pensioen), was het een vergadering met veel traktaties en cadeautjes heen en weer en prachtige speeches met een lach en een traan. De grootste traan was dat Peter niet vervangen gaat worden; de faculteit moet nu zelf maar wat boekjes gaan bestellen. Nou, dat zal een evenwichtige collectie gaan opleveren! (not). En verder kwamen er ook dieptrieste berichten uit Middelburg.

Maar gelukkig zijn bibliothecarissen niet van het slag dat bij de pakken neer gaat zitten en dus werden er veel nieuwtjes en ideeën uitgewisseld met betrekking tot Patron Driven Acquisition, Virtuele Kenniscentra, libguides, klassieke weken, overplaatsingen en deselectie (ehhh, van boeken of van mensen?). En eindelijk, eindelijk heb ik Hans IRL ontmoet.

O zo, we eindigen positief.

Hora est (of toch: hora finita?)

foto's

donderdag 12 april 2012

Landelijk overleg bij de VU

Afgelopen week was het weer zo ver: landelijk overleg vakspecialisten geschiedenis. Dit keer bij de VU. Rem was onze voortreffelijke gastheer en de vergadering verliep in goede harmonie. Veel bezuinigingen, functieveranderingen, Open Access, selectie en deselectie, Discovery Tools en PDA.

En we kregen ook rondleidingen:
door de papierloze bibliotheek van de toekomst (ook wel MediaXperience genoemd)

door de onlangs fors ingekrompen Bibliotheek Geesteswetenschappen

en het kekke plankje voor de iPads waar voorlopig geen geld voor is

en niet te vergeten het HDC (Historisch Documentatiecentrum voor het Nederlands protestantsisme)

Mooie dag, met mooie afsluiting (eten met studievriend van vroeger):

woensdag 15 februari 2012

Klassieke bijeenkomst in Nijmegen


overleg klassieke vakreferenten met zwoegende notulist
Gisteren mocht ik gastvrouw zijn voor het landelijk overleg vakreferenten klassieke talen en cultuur in onze UB. Helaas had ik me voor de oorspronkelijk geplande bijeenkomst in januari moeten ziekmelden, zodat we de vergadering hadden moeten verzetten, en uit wraak hadden zich voor deze bijeenkomst ook een paar mensen afgemeld. Nou ja, wraak, het is gewoon griepseizoen...

En zo zaten we dus met een select gezelschap bijeen om over het wel en wee van de klassieke collecties te praten. Ik heb het niet geturfd, maar durf er toch gif op in te nemen, dat het woord reorganisatie bij dit overleg het vaakst viel, op de voet gevolgd door digitalisering en deselectie, overplaatsing, natuurlijk verloop en ontdubbeling. Barre tijden met veel mogelijkheden en nog veel méér beperkingen.

En natuurlijk heb ik de klassieke vakspecialisten, nadat we heerlijke Groningse koeken verorberd hadden, rondgeleid in onze UB. Het is grappig om met andermans ogen door de verschillende ruimtes te lopen. Eén van de deelnemers merkte bijvoorbeeld op dat het leek dat het lekte in onze onvolprezen Learning Zone; hij doelde op het getik op de computers; ik weet nu al dat ik nooit meer in deze ruimte zal komen zonder daar met een glimlach aan te denken. En nooit zal ik ook vergeten dat een der deelnemers dacht dat de servetten met in het logo van de universiteit de Latijnse woorden 'in dei nomine feliciter' in de refter daar speciaal voor ons neergelegd waren. Dát zou trouwens pas attent geweest zijn!

De volgende keer, op 9-10-12 (classici houden nu eenmaal van mooie reeksen), spreken we af in de VU, alwaar we tevens afscheid zullen nemen van de oudste deelnemer aan dit overleg, die er dan 42 dienstjaren op heeft zitten.

Tekenend is dat hij niet vervangen zal worden; hij is dan ook onvervangbaar.

woensdag 18 mei 2011

Dagje Amsterdam

Ja, ik durfde het nog, na vorige week, een reisje naar Amsterdam. En deze keer had ik geen problemen met de trein, behalve dat de persoon tegenover me zich recht voor m'n gezicht ontdeed van z'n t-shirt en verruilde voor een nette blouse. Te veel borsthaar naar mijn smaak voor zo vroeg in de ochtend.

Het regende, maar de UB kon ik gelukkig vinden, al bleef ik niet droog. En de ontvangst aldaar was allerhartelijkst. Het voelde eigenlijk alsof ik weer bij familie thuiskwam en het was echt toch maar de tweede keer dat ik het overleg voor de vakreferenten klassieke talen bijwoonde. Het voorstelrondje was bedoeld voor de nieuwelingen; ik hoorde met mijn tweede bezoek al tot de oude garde. En dat zegt eigenlijk genoeg over de bewegingen binnen de UB's op het moment. Dat is een geheel van verschuivingen, bezuinigingen en reorganisaties. Dat maakt dit soort overleggen ook zo waardevol; we zitten allemaal een beetje in hetzelfde schuitje (al zijn al die schuitjes weer anders gekleurd).

De kleuren van de schuitjes komen traditiegetrouw aan bod tijdens de ronde van Nederland; dan vertelt iedereen in het kort wat er op zijn of haar bibliotheek gaande is en welke invloed dat heeft op het vakreferentschap en de collectie aldaar.

Meestal is er ook een thema en dat was deze keer de manier van collectioneren (de tijd die iedereen hier voor krijgt wordt namelijk krapper en veelal komen er vakgebieden waar men minder in thuis is bij; de muziekwetenschapper krijgt bijvoorbeeld ineens klassieke talen in zijn pakket erbij). En natuurlijk ook de praktijk rondom het deselecteren van tijdschriften die ook digitaal beschikbaar zijn; hoe hard gooit iedereen z'n papier weg? En wat moet per se bewaard blijven?

Hot was ook het artikel van filosofiecollega Léonne van de Weegen over de gemeenschappelijke onderwerpsontsluiting; zijn we het met Léonne eens dat die onverkort gehandhaafd moet blijven? Hierover waren de meningen - net als bij het overleg voor vakreferenten geschiedenis waar ik vorige week bij aanwezig was (en waarbij ook de wijze van collectioneren aan bod kwam) - verdeeld.

Tussen de bedrijven door hebben we geluncht in het Maagdenhuis: toch wel een historische plek. En aan het eind hebben we met pijn in het hard afscheid genomen van een aantal collega's, niet de oudsten, maar wel die met de meest veranderde banen. En - wat al eerder tijdens het overleg bleek - bij dit clubje zit een aantal ware woordkunstnaars en theatermakers die prima en uitermate grappige feestredes kunnen maken. Ik zou er bijna afscheid om willen nemen, maar dat doe ik toch maar niet, temeer omdat ze in januari naar Nijmegen komen met z'n allen. En dan wil ik weer Perzisch praten met Marinus (die ook oriëntalia in z'n pakket heeft). En genieten van de rest van het gezelschap, hopelijk aangevuld met Leeuwarden.

Helaas liep de vergadering door de feestredes wel een half uur uit, zodat ik de koffie met de twitterende UB-coryfeeën @jstaaks en @lukask misliep, maar gelukkig nodigde @lukask me in z'n kamer uit en konden we ook nog een babbeltje maken met oud-collega @erbaweb.

En alsof dat nog niet genoeg was, had ik ook nog een afspraak met oud-studiegenoot klassieke talen (om in de sfeer te blijven) Thomas, met wie ik bij de Athenaeumbibliotheek had afgesproken. En de schrik sloeg me om het hart toen ik voor de Athenaeumbibliotheek geen Thomas, maar Herman Koch aantrof. Dit was toch te jiskefettiaans voor woorden! Gelukkig arriveerde Thomas een paar minuten later en was Koch te zeer in z'n krant verdiept om mijn open mond waar te nemen.


En zo arriveerde ik voor het eerst in mijn leven in een kroeg met de naam de Engelse Reet (en nam ik kennis van het menu van het Gasthuys; in de Engelse Reet gaan eten leek me niet zo'n goed plan).

En na een dolle rit door de Amsterdamse binnenstad was het tijd om me maar weer eens in de provincie onder te dompelen.