Posts tonen met het label reünie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label reünie. Alle posts tonen

woensdag 17 oktober 2018

Reünie


Het moest er een keer van komen: een reünie van onze lagere school, ofwel preciezer: van onze lagere schoolklas. En wat mij betreft nog verder gepreciseerd: mijn éérste lagere school, want ik ben halverwege de derde klas verhuisd.

Voor dat heuglijke gebeuren moest ik helemaal afreizen naar het plaatsje met de weinig verheffende naam Stompwijk. Want daar heb ik het eerste deel van mijn jeugd doorgebracht: het tuindersdorp in de schaduw van Leiden. Wat als ik daar was blijven wonen? Zou ik dan in Leiden gestudeerd hebben? En dan ook klassieke talen? Of toch de hogere tuinbouwschool, zoals een aantal van mijn klasgenootjes? Joost mag het weten, en Joost zat niet in mijn klas.

Wel een heleboel andere kinderen, want de klas was eigenlijk een dubbele klas, een babyboomklas, aangezien er veel nieuwbouw was in die tijd in Stompwijk. En ook een aantal grote gezinnen; dat waren met name de boerengezinnen. Een van de kinderen uit zo'n boerengezin heeft de ouderlijke boerderij omgetoverd tot hotelboerderij, daar heb ik overnacht, voor het echte Stompwijkgevoel.

Natuurlijk heb ik ook mijn ouderlijk huis van destijds bezocht, samen met mijn toenmalige buurmeisje, bij wie ik heb gegeten. Zij is altijd in Stompwijk blijven wonen, net als haar ouders.

En ik moet zeggen, misschien is dat helemaal zo gek nog niet, want Stompwijk ligt midden in het Groene Hart, dicht bij de grote steden en - niet onbelangrijk - dicht bij het strand. Onnodig om te zeggen dat we daar de volgende dag gretig gebruik van hebben gemaakt; om tien uur lagen we al te bakken op een strandstoel in Katwijk. Half oktober? Juist, half oktober: 25 graden!

Daarna hebben we, net als de dag ervoor, nog heerlijk door Leiden gezworven en genoten van de stad en de bootjescultuur aldaar.

Memory lanes zijn prachtig!

zaterdag 1 april 2017

ECIL- reünie: Gent


We hadden het vorig jaar in Utrecht al afgesproken bij de vorige reünie: we komen een keer bij jou op bezoek in Gent, Ann!

En afgelopen weekend is het er dan eindelijk van gekomen.

Met het hele Holland House (geuzennaam van de ECIL-congresgangers) togen we naar Gent. En wat een onthaal daar! Er was een fantastisch programma voor ons samengesteld door Ann en haar collega's.

Eerst een rondleiding door de splinternieuwe, zeer moderne openbare bibliotheek van Gent (de Krook) en daarna een heuse archeologische tour door het charmante Belgische stadje onder leiding van Geert, de man van Ann.


Maar niet zonder lunch tussendoor; en wat voor een lunch! Geheel verzorgd in een Libanees (tapas)restaurant - betaald door de universiteit! Kijk, dat is nog eens gastvrij onthalen door de stad!

En natuurlijk hebben we ons ook laten verleiden door de Belgische biertjes en de Gentse neuzekes.


En een copieus avondmaal, plus nachtelijke stadswandeling, overnachting en 's ochtends ontbijt aan het water.


Wijs, zouden ze in Gent zeggen...

zaterdag 6 februari 2016

Tallinn-reünie

De aloude kop van Constantijn in de Nieuwe Kerk

Soms kun je tijdens een congres zo verknocht aan elkaar raken, dat je elkaar na een congres nóg eens wilt ontmoeten. Dat was het geval met ons, de Nederlandse en Vlaamse deelnemers aan de ECIL-conferentie 2015, in Tallinn.

Met z'n zevenen waren we, vijf Nederlanders en twee Vlamingen. We spraken zo centraal mogelijk af: in Utrecht. Voor een etentje. De Vlaamse dames hadden het gecombineerd met een werkbezoek aan de Medische Bibliotheek in die stad, de anderen moesten gewoon werken en ik had een dagje vrij genomen. Verschil moet er immers zijn.

Dat vrije dagje heb ik overigens heel goed besteed: in Amsterdam bij twee musea. Nou ja, als je de Nieuwe Kerk tenminste een museum wilt noemen. Er was in ieder geval een indrukwekkende tentoonstelling over keizer Constantijn. In het Allard Pierson Museum was trouwens ook al iets bijzonders aan de gang: voor de tweede keer een Pop-Up museum van DWDD; niet alleen maar oude knarren dus in dit oudheidkundig museum - afgezien van het publiek dan.

Het leukst vond ik de bijdrage van Wim T. Schippers, die zijn beelden en objecten uit het Groninger Universiteitsmuseum tussen de gewone collectie van het museum had geplaatst, wat verrassende combinaties opleverde, zoals een anatomisch model tussen oude klassieke beelden:


En de zaal van Daan Roosegaarde, die zijn ruimte gevuld had met schilderijen uit het scheepsvaartmuseum en zó heeft opgehangen dat de horizonlijnen van alle schilderijen op één hoogte terechtkomen. Het enige licht in de zaal is afkomstig van een vuurtoren in het midden. De bezoekers draaien met het licht mee. De hele zaal is zo een kunstwerk geworden.


Verder was de autiotour van Sander van de Pavert als Willy ontzettend grappig, evenals de teksten bij de ´geishatentoonstelling´ van Paulien Cornelisse.

En dan als kers op de taart dus het afsluitende etentje in Utrecht. In een tapasrestaurant beneden aan de Oude Gracht, dat door onze Vlaamse collega´s maar moeilijk gevonden werd. Een te Nederlands concept waarschijnlijk, zo´n plek. Daarom zal ons volgende treffen in Gent zijn. Allez! Ik geloof dat ze daar ook mooie musea hebben.

maandag 13 september 2010

Epen

uitzicht vanaf het terras
Het voelde weer als thuiskomen: het klassieke weekendje in Ieëpe (Epen in gewoon Hollands). Voor de vierde keer op rij vierden wij onze om en nabij twintigjarige (studie)vriendschap in het familiehuis van firma Beaujean in het Geuldal.

We waren dit jaar helemaal compleet - ook alle partners waren er - en er waren geen kindjes bijgekomen. Wel de nodige blessures; we worden duidelijk ouder....

Onze excursie was dit keer naar de vuurstenenmijn; als je daar eens heen wilt gaan, moet je zeker om de gids Wiel vragen (en dan niet schrikken van een toegift van 2 uur). Een bijzonder stukje Nederland daar in het zuiden, paradijs voor archeo- en geologen.

Het weer zat natuurlijk ontzettend mee; we konden qua avondmaaltijd op ons terras zo in een Bertollireclame.

De 'code' dat er geen Latijn gesproken wordt op zo'n weekend werd dit jaar wel enigszins verbroken: de zoon van Lambertus kwam met onderstaand t-shirt (een vaderdagcadeau) binnenzeilen - maar we vergaven het hem meteen (zelf had ik immers ook op bestelling een boek over humor op Griekse vazen meegenomen van de UB en ook daar werd niet moeilijk over gedaan - integendeel!):
Ik kijk alweer uit naar volgend jaar!

maandag 14 september 2009

OngeRust

Ik kReeg al meel van ongeRuste volgeRs, omdat ik het hele weekend niet online was. Nou, die kan ik geRust stellen: ik had het jaaRlijkse Reünieweekend met de studiegenoten (een gRoepje dan) in LimbuRg! En aangezien ik daaR nog een beetje moe van ben (het was intensief zullen we maaR zeggen) komt het veRhaal lateR.

Eén ding kan ik al wel veRklappen: het was de leukste R in de maand en dus tevens de oplossing van het Raadsel.

zaterdag 18 april 2009

Reünie

Ubi flavas Rhenus undasmare spectans dividit,
Musarum sedes iucundas
docta Pallas condidit.
Huc iuventus Batavorum
studiosa properat,
Ut Graecorum et Romanorum
mores artes ediscat.

Vandaag - hoe passend in de week van de klassieken - de reünie van de studentenvereniging van klassieke talen bezocht. Ruïne, volgens mijn dochter.

Redelijk wat oude bekenden gezien, redelijk wat écht oude classici, redelijk wat studenten en vers afgestudeerden. Deze laatsten waagden het zelfs mij met U aan te spreken. Zo oud zie ik er toch nog niet uit!

De lezingen waren ook bijzonder: professor Bartelink, die vertelde hoe hij vlak na de oorlog begon met z'n studie klassieke talen, nadat hij een paar jaar ondergedoken had gezeten en genoot van z'n eerste biertje op het terras als teken van vrijheid - hij was nota bene op een Grolschwagen naar Nijmegen vervoerd. Grolsch, want hij kwam uit Twente, iets wat hem nog steeds niet accentloos deed spreken, maar, zo zei hij, dat was nog heilig bij hoe de Fransen, Duitsers en o jee, de Engelsen het Grieks en Latijn uitspraken. Mooie lezing. Vervolgens de altijd jolige professor klassieke archeologie Eric Moormann en een jonge ex-praeses van de vereniging.

En na de uitgebreide lunch nog een lezing van ene professor Holzberg uit München, die zo begeistert over een paar gedichten van Horatius (juist, die van carpe diem) sprak, dat hij van het podium afviel.

En dan: ad fundum.......