High tea met worstenbroodjes, in welke streek van ons land heb je de meeste kans op die combinatie? Juist, in het Peelgebied!
En dat is precies waar we dit weekend waren en wat we kregen bij onze high tea in het Toon Kortooms Park in Griendtsveen. Wat we daar deden? Ons jaarlijks uitje met de classici natuurlijk! Het is immers september, net voor prinsjesdag en dan gaan de prinsjes en prinsesjes klassieke talen altijd een weekendje weg. Dit jaar in het schitterende Amatisse klooster in Helenaveen.
De buzzwoorden waren naast fietsen, wandelen, vlinders, muggen en ooievaars dit jaar:
Gumi, vreugdewipper, WC-papier (flapje voor, flapje achter, een discussie die al sinds de oudheid woedt), Ierse sandwich (chips op brood bij het ontbijt voor arme gezinnen, ook ons beleg was op een gegeven moment op), bonte zandloper en top 2000 quizzing.
In een gekke bui hadden we afgesproken dat we wel een keer een weekendje met z'n achten een huisje zouden kunnen huren. Eigenlijk zijn onze (Iraanse) mannen met elkaar bevriend, maar uit verschillende feestjes en etentjes bleek dat ook de vrouwen het wel aardig met elkaar konden vinden. Dat moest eens goed uitgezocht worden!
En zo kwam het dat we afgelopen weekend naar Valkenburg togen. Een geweldig appartement midden in het centrum. En waanden we ons door alle kastelen en kasteelachtige gebouwen al in de Efteling toen we aankwamen, het werd gewoonweg een sprookje door de kerstsfeer waar het stadje al in gehuld was. Overal lichtjes, kerstversiering en terrasverwarming. En dat zonder dat we daar op gerekend hadden! Noem me conservatief, maar half november terwijl de zon nog stevig schijnt ben ik normaliter nog niet zo in de kerstsfeer. We hadden eigenlijk meer carnavalachtige taferelen en Sinterklaasoptochtjes verwacht. Maar natuurlijk lieten we ons heerlijk meevoeren door de uitbundige warmte en verlichting en deden we ons tegoed aan warme chocomel en glühwein en maakten we selfies met de overvloedig aanwezige kerstmanpoppen. Verder kochten we mutsen, sjaals en wanten. Het überschattige winkeltje met de kerstspulletjes en mariabeeldjes bij ons in de straat was helaas nog dicht. Ook de kerstmarkt was er nog niet, maar wel in aanbouw. Waren we alsnog een week te vroeg dus!
Culturele uitstapjes hebben we niet gemaakt, maar wel de foto's van de overstroming van twee jaar geleden die op de ramen van een hotel geplakt waren bekeken. Ongelooflijk dat zo'n lieflijk stromend riviertje als de Geul zo'n ramp kan veroorzaken!
Naast de gezellige kerstsfeer in het centrum bood Valkenburg gelukkig ook het nodige groen in de omgeving. De weg naar en het terras van kasteel Schaloen waren zonovergoten; het leek wel zomer!
Het sprookjesbos waar ik als kind geweest ben hebben we maar overgeslagen - de Iraanse partners hadden daar geen nostalgische gevoelens bij en Valkenburg zelf was al sprookje genoeg....
Ik zeg: volgend jaar weer! En dan misschien wel in Iran. Of is dat te hardop dromen?
Klassiek Beltrum zou er op kunnen duiden dat er daar veel klassieke beelden of bouwwerken te bewonderen zouden zijn, maar niets is minder waar. Het enige klassieke aan het plaatsje in de Achterhoek is dat het vorig weekend bezocht werd door een horde (nou ja, horde: 7 man/vrouw) classici. En de enige zuil die ze er hebben weten op te trekken was een zuil van rook uit open haard respectievelijk barbecue.
Nee, het is een echt plattelandsdorp en we logeerden in een huisje op een boerderij-erf dat we via natuurhuisje.nl gehuurd hadden. Niet dat dat laatste per se de bedoeling was, maar aangezien we dit jaar laat waren met boeken - corona, je weet zelf - was er niet heel veel meer te krijgen voor zo'n groot gezelschap met zeven slaapkamers. En zoals dat meestal gaat met niet-eerste-keus-huisjes: we hebben er een geweldig weekend gehad. Ja duh, met zo'n gezelschap....
Maar het waren ook de boerderij en gastvrije boer Joop die de sfeer verhoogden. Tussen de classici selecti, van wie een groot deel Brabantse boerenzoon is, voelde ik me ondanks mijn tuindersachtergrond wel een stadsmeisje. 'Wat denk je dat hij (de boerenknecht, ik dacht dat het de zoon was) gaat doen met die plastic handschoen aan zijn arm?' 'O, die gaat insemineren.' 'Okeeee....' 'Zullen we Joop vragen of we even mee mogen kijken?' 'Nou ja, nu we hier toch zijn, kunnen we dat misschien wel doen?', zei ik met enig koudwatervrees. En natuurlijk mochten we meekijken van Joop, die ook bereid was het een en ander uit te leggen.
'Zouden jullie ook wat verse melk willen voor vanavond? Dan moet je even een pannetje halen'. 'Wáááát, zo'n klein pannetje maar? Kom morgen nog maar weer terug met een grotere pan. Hier kun je niet op leven. Willen jullie ook de kalfjes even zien? Kijk, ze sabbelen zo aan je hand. Wat een schatjes he? Kijk, dit is een tweeling. De een is wat wilder dan de ander.' En zo leerden we beetje bij beetje veel over het boerenleven.
En niet alleen over het boerenleven; een van de leden van onze groep bleek zich de afgelopen jaren ontwikkeld te hebben tot een groot (nacht)vlinderkenner, dus na het weekend konden we moeiteloos het landkaartje van de Atalanta onderscheiden en de distelvlinder van de gehakkelde Aurelia. Tevens leerden we dat de buxusmot nog niet was doorgedrongen tot Ierland - those lucky bastards!
Voor de rest hebben we voornamelijk gefietst. En het leek wel alsof we de enige bezoekers in de gehele Achterhoek waren. Wat een rust zeg! En wij de trappers maar rond laten gaan op die kerkepaden, genietend van het weidse uitzicht en elkaars verhalen. Zó hoort het leven te zijn.
Maar je bent niet in de Achterhoek geweest als je Erve Kots niet bezocht hebt. Ja, wij moesten ook even slikken bij het horen van die naam, maar naast bezienswaardig is dat uitermate schattige openluchtmuseumpje ook heerlijk bourgondisch. Want lekker eten, dat kunnen die Achterhoekers wel en we hebben ons vrolijk laten verwennen. Oeh wat een volk!
Natuurlijk lieten we het ons niet ontnemen door Het Virus: ons jaarlijkse weekendje weg met de studiegenoten klassieke talen, al moeten we er wel bij aantekenen dat we het mede door lieten gaan doordat de annuleringsvoorwaarden heel slecht waren: als we niet waren gegaan, zouden we maar 25% van de totaalsom terug hebben gekregen.
Het betekende wel dat we alsnog een groot offer moesten brengen: de partners en kinderen zouden dit jaar niet met ons mee mogen, zodat we voldoende afstand tot elkaar konden houden. Lekker met z'n zevenen in een 20-persoons huisje; dat is nog eens Lebensraum! De eerste nacht hebben mijn voormalig studiegenootjes daar zelfs maar met z'n zessen gezeten, gegeten, gedronken en geslapen, ZONDER MIJ!
Ik zat namelijk in quarantaine, in afwachting van de uitslag van mijn coronatest. Die test was donderdag al afgenomen (ik had een lichte verkoudheid met wat keelpijn), maar ik had het verlossende telefoontje van de GGD nog niet ontvangen. Ik gebruik het woord k*t niet vaak, maar hier was wel heel erg van toepassing.
Zat ik daar in m'n eentje thuis een glaasje Baileys te drinken.
Toen ik de volgende dag opstond (zonder kater, want ik had het bij één glaasje gehouden), zag ik dat mijn vrienden mij 's nachts geappt hadden: dat ze het er unaniem over eens waren dat ik absoluut moest komen: het voelde niet compleet zonder mij, ze voelden zich geamputeerd. Ik slikte van ontroering en merkte ineens: de keelpijn was weg!
Ik dacht nog even dat het misschien een soort beneveld grapje van ze was, maar nee, het was bloedserieus. Ze herhaalden hun uitdrukkelijk verzoek, mijn gehuurde fiets stond al klaar en nu mijn verkoudheid zo goed als weg was, durfden ze het aan om mij te laten aansluiten - we zouden immers de hele dag buiten zijn en de kans dat ik positief zou testen nu de verkoudheid weg was zou sowieso zo goed als nihil zijn. Zelden zo'n groep slimme mensen bij elkaar gezien! Want 's middags bleek de uitslag inderdaad negatief te zijn en toen zat ik al lang en breed op de fiets naar Groenlo en kon ik toen we daar eenmaal aankwamen zelfs een echte pul ongefilterd oerbier in het Grolschmuseum drinken. Zelden zo'n lekkere kelk pils gedronken. De stemming was dan ook opperbest: we waren weer verenigd en konden de hele wereld aan.
De (droge - hij dronk ook geen bier) humor van de museumgids sloot perfect aan bij de Brabantse. Afstand tot ons voelde hij niet: we mochten hem omhelzen als we dat wilden. Maar zó close wilden we nou ook weer niet met hem worden, ondanks dat hij nog zo zijn best had gedaan ons de romantiek van het bierbrouwen en de gildemeesters te laten voelen middels twee filmpjes (hier een fragment uit een van de filmpjes). Vakmanschap is meesterschap en hop het geheim.
We hebben er nog lang over nagepraat.
De laatste dag van het (gebroken) weekend was rustiger, toen hebben we de tuinen van Rosenhaege met bijbehorend Keltisch koffiehuis bezocht. Dat laatste natuurlijk vooral om onze 'Ierse' vriendin (zij heeft klassieke talen én Keltisch gestudeerd) te behagen: zij was helemaal uit (N-)Ierland gekomen om dit weekend met ons door te brengen. Iets wat ze overigens elk jaar doet, zo hecht zijn we wel, dus moet je wat voor elkaar over hebben, nietwaar? Wat haar betreft betekende dat dit jaar voor vertrek naar Nederland testen op corona en na afloop twee weken in quarantaine. Maar dan echt, en niet dat gesjoemel van mij....
Van de week was ik in de abdij van Nieuwkuijk (of all places) voor de voorstelling Goden & (pantoffel-)helden, een concert met godenvertellingen, waar een bevriende classicus de verteller was. Een goddelijk concert. Helaas eenmalig, maar wat mij betreft kunnen ze er zó mee op tournee gaan!
Het leuke was ook nog eens dat ik bij de koffie vooraf en de borrel erna in het keldercafé van de abdij nog was oud-classici tegenkwam. Oud-classici omdat zij tijdens de studie een jaar of vier, vijf boven ons zaten. Mensen waar wij destijds enorm tegenop keken natuurlijk. Eén van hen was zelfs mijn mentor geweest en herkende mij dan ook meteen. Ik hem niet, maar dat zegt meer over mij dan over hem. Verzachtende omstandigheid was dat hij nu een bril droeg en toen niet. Ik ook tussen haakjes, maar ik schijn niet te veranderen. En ik had alcohol op en hij niet...
Hij ontfermde zich nog steeds over mij en zorgde dat ik een lift terugkreeg naar Nijmegen met een van de ouderejaars die ook aanwezig was en waar hij nog steeds mee omging. Some things never change.
Frappant was verder dat zij net als wij elk tweede weekend van september een weekendje weggaan met met de oud-studiegenoten. En ik maar denken dat we origineel waren.Wat een pantoffelhelden zijn we toch, dat we hen blijken na te apen! Nu nog jaarlijks mee gaan doen aan de Ken-je- Klassiekenpubquiz in Leiden en we blijken exacte kopieën van hen te zijn geworden.
Nee, we hebben niet gesurvivald in Epen dit jaar. We wilden wel hoor, hoewel het een survival light zou worden, iets met kruiwagenraces of wat dan ook, maar het weer werkte niet helemaal mee. En de eigenaar van de Paradijsvogels is nogal een flexibele man, dus we konden gewoon lekker gaan boogschieten en mergel bewerken in zijn multifunctionele schuur - misschien maar beter.
Voor de rest was het wandelen, open haard, muziek en Halli Galli spelen en Remigiusvlaai eten bij de Smidse op zondag, toen het - god zij dank - ineens weer ouderwets heerlijk weer werd.
Het voornaamste gespreksonderwerp dit jaar was Dikke Dennis. Daar konden we werkelijk alles aan ophangen, alsof hij erbij was. Misschien moeten we hem volgend jaar gewoon méévragen. Dat we dan allemaal een tattoo aangemeten krijgen of zo. Kijk, dan vergeet je zo'n weekend tenminste nooit meer.
Een jaar de tijd om erover na te denken wat we dan op onze arm, rug of schouder aangebracht zouden willen hebben. Deliciae meae?
Bónt en blauw kwam ik deze keer terug van het weekendje Epen. Nee, niet geslagen, noch van de trap gevallen. Gesurvivald mensen!
Me eerst met m'n zeekoeienlijf door een speleobox gewurmd, daarna over allerlei touw-, brug- en netconstructies over de plaatselijke rivier geklauterd om vervolgens nog even te oefenen met het schieten van het vlees voor het avondeten. Ik voelde met net Indiana Jones - hoewel het er allemaal vast niet zo soepel en lenig uitgezien zal hebben als bij hem.
Enfin, het was weer fun, evenals de alle vorige keren. Tiende jaar op rij alweer met de oud-studiegenoten. En we zijn elkaar nóg niet zat. Integendeel zelfs. Amici voor het leven.
Behoorlijk brak en onder de blaren en desalniettemin zeer tevreden omkijkend: het gebruikelijke tafereel na het jaarlijkse weekendje Zuid-Limburg met de studievrienden c.s. van weleer.
Het was weer feest!
Het ongeorganiseerde gedeelte vond plaats in ons huis in Epen en het georganiseerde in Gulpen: de ene dag stadsgolf en de andere dag een high-tea-tocht. En verder natuurlijk de gebruikelijke wandelingen, pubquizzen en drinkgelagen.
We worden - dat meldde ik de vorige keer al - elk jaar wel ouder met z'n allen; dit keer was er zelfs een ziekenhuisbed mee, en divers huiswerk voor de ouder wordende kinderen (die overigens braaf geholpen werden door de steeds wijzer wordende ouderen).
Vanaf morgen helaas weer gewoon het harde leven. Help je me het bourgondisch te maken? Anders is de overgang zo groot....
Deze keer hebben we ons bij ons jaarlijkse uitje met oudstudiegenoten (en partners en kinderen) ingehouden en geen enkel terras bezocht; een typisch crisisuitje dus.
Maar niet dat het daarom minder gezellig was dan anders. Ter compensatie had het organiserend comité namelijk zelf gekookt en bedacht dat er maar eens wat competitie in het geheel moest worden ingebracht.
En zo kwam het dat we dit weekend voornamelijk bezig waren met hints tussen de koeien, kwintetten, een popquiz en koeievlaaien gooien.
Het is toch redelijk bijzonder als je al vijf jaar lang elk jaar een weekendje in het zelfde vakantiehuisje in Epen doorbrengt - dan moet het toch een aantrekkelijk onderkomen zijn.
En het is al helemaal bijzonder als je dat met dezelfde club van inmiddels 19 mensen van 3 tot 50 jaar doet, zonder dat er ooit 1 woord van irritatie is gevallen.
Dan moet het wel een bijzondere club zijn. En dat is het ook: het zijn namelijk 7 studiegenoten, die zo'n twintig jaar geleden vijf jaar met elkaar gestudeerd hebben en op een dag besloten hebben niet meer elkaars verjaardagen te bezoeken, maar 1 weekend (eerst was dat 1 dag) met elkaar bij te praten onder het genot van een drankje(s) en een wandeling(en). Kinderen en partners zijn daarbij van harte uitgenodigd en die sluiten zich dan ook graag en masse aan.
Trefwoorden dit jaar waren: bourgondisch, bier, plezier, wijn, fijn, zinkviooltje, krijgers, zon, onweer, regen, rennen, gips en wiskundebijles.
Ons vrouwenweekend in de Ardennen was in een woord bourgondisch: zelf gebakken brood, zelf gemaakte arretjescake, wijn, port, baileys, kaasjes, kaarsjes, verse jus, tucjes, zalm, olijven, open haard, mooi uitzicht, warm gezelschap, bezoek aan de plaatselijke bonbonnerie (zie ik hier al iemand watertanden?).
En dat moest er natuurlijk allemaal afgewandeld worden, wat ook al geen straf was in de prachtige omgeving.
Op naar de Ardennen met 5 vriendinnen. En nee, we gaan niet survivallen. En nee, er mogen geen mannen in de buurt komen. Ook geen kinderen trouwens. En gaat het dan toch gezellig worden? Reken maar!
Het voelt al bijna als thuiskomen: 'ons' huisje in Epen.
Het is namelijk traditie sinds 3 jaar dat wij daar met een stel studiegenoten en aanhang en kinderen een weekendje in september vertoeven. Niet dat we elkaar door het jaar heen niet zien, maar zo zien we elkaar in ieder geval allemaal tegelijk. En dan is Enig over uit Ierland.
Dit jaar hebben we voor het eerst iets klassieks bezocht - eigenlijk hebben we afgesproken dat er het hele weekend geen Grieks of Latijn gesproken mag worden, omdat anders ofwel de partners ofwel de kinderen voorgoed afgeschrikt worden. Natuurlijk lukt dat nooit helemaal, maar we doen er wel ons best voor. Echt waar.
Het klassieke uitje was een bezoek aan de Romeinse katakomben in Valkenburg. Niet dat die uit de vroegste eeuwen van onze jaartelling stammen of zo; ze zijn pas een eeuw geleden gemaakt, of liever gezegd nagemaakt door een rijke familie uit Limburg in een door hen gekochte mergelgroeve. Eigenlijk nep dus, maar wel mooie nep. En we hadden een fantastische gids, van wie we gaandeweg te weten kwamen dat hij op de zeevaartschool gezeten had. Nou, en als je op zee de weg kunt vinden, dan kun je dat in de grotten ook wel.
Absoluut een bijzondere ervaring om daar met kaarsjes door de met fresco's bezaaide grotten te dwalen. We mochten geen stukken uit de heilige mis zingen, daar was hij heel duidelijk in, maar de neiging was eigenlijk onontkoombaar. Volgens ons vond hij het wel leuk om ons rond te leiden; een welkome afwisseling met de groepen middelbare scholieren die hij normaal voornamelijk door de grotten moet loodsen (en van wie hij er soms wel een paar wilde achterlaten in de grafnissen, ook daar was hij heel duidelijk in).
Verder hebben we de kabel- en rodelbaan in Valkenburg even aangedaan (nu we er toch waren) en voortreffelijk gegeten in België, voor het Bourgondische tintje.
Voor de laatste dag hebben we de traditionele wandeling door het Geuldal bewaard. Tja, want frisse lucht heb je nodig na zo'n weekend ouderwets doorzakken met z'n allen. Ter geruststelling: de kinderen hebben hier niets van gemerkt, die lagen al in bed. Voordat we hier boze mailtjes over krijgen.
Ik kijk nu al uit naar volgend jaar septembeR en ben benieuwd wat het toekomstige organiserend comité (Lambertus en Stella) voor ons in petto heeft. Toch maar weer afsluiten met high tea in de Engelse tuin in Margraten of misschien toch een complete verrassing?
Ik kReeg al meel van ongeRuste volgeRs, omdat ik het hele weekend niet online was. Nou, die kan ik geRust stellen: ik had het jaaRlijkse Reünieweekend met de studiegenoten (een gRoepje dan) in LimbuRg! En aangezien ik daaR nog een beetje moe van ben (het was intensief zullen we maaR zeggen) komt het veRhaal lateR.
Eén ding kan ik al wel veRklappen: het was de leukste R in de maand en dus tevens de oplossing van het Raadsel.