Posts tonen met het label archeologie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label archeologie. Alle posts tonen

zaterdag 8 oktober 2022

Congressen, colleges en vergaderingen: variatio delectat


Onlangs was ik – terwijl het onderwerp paradoxaal genoeg open en online onderwijs was – weer eens op een fysiek congres. In Nantes. Wat fijn om elkaar eindelijk weer eens live te ontmoeten. Of nou ja, weer eens: de meeste mensen die ik daar ontmoette kende ik alleen van Zoom of horen zeggen. 

En wat bleek: ze waren in het echt even leuk en gedreven als dat ze online waren! We hadden elkaar alleen nog nooit een hand gegeven of écht in de ogen gekeken, noch samen geluncht of een avondmaaltijd genuttigd, laat staan met elkaar gedanst. Geborreld al wel, maar ja, virtueel, ieder achter z’n eigen laptop met een glaasje wijn; dat blijft toch een beetje armoedig.

 Of we inhoudelijk meer bereikt hebben dan dat we een online congres zouden hebben gehad is de vraag. Want voor inhoudelijke uitwisseling hoef je niet per se fysiek bij elkaar te komen. Als ENOEL (European Network of Open Education Librarians) hadden we de afgelopen twee jaar maandelijks een online vergadering. Ter afwisseling hebben we online hackathons gedaan en interviews met docenten over open onderwijs via Zoom opgenomen. We hebben zelfs een toolkit in elkaar geknutseld. Twee jaar geleden zouden we dat niet voor mogelijk gehouden hebben.

 Met dezelfde groep hebben we ook presentaties gegeven op online congressen en daar leuke reacties op gekregen. Maar de rest van het congres gevolgd? Nee, dat dan weer niet. Dat is echt te saai en vermoeiend op de laptop. Dat kan ik persoonlijk geen hele dagen volhouden en ik heb groot respect voor degenen die dat wel kunnen. Bovendien was er ook nog ander werk binnen bereik.

 Ik heb die afzondering, die borrels en dat samen lunchen gewoon nodig. De informele uitwisseling, daar bloei ik van op! Niet dat dat elke maand moet, maar elkaar af en toe als groep gelijkgestemden op een afgezonderde plek inspireren, dat houdt de moed erin. Net zoals ik tijdens mijn studie klassieke talen af en toe op studiereis naar Griekenland of Italië meeging. Dat hield me gemotiveerd; daardoor kon ik weer maandenlang teksten vertalen en de diashows van de docenten archeologie verorberen. Het lichtte me op, ik was er gewéést, ik maakte er deel van uit!

 En als de colleges online waren geweest, zou ik dan net zo gemotiveerd zijn geweest? Dat is natuurlijk niet te meten; de tijden waren toen ook anders. Ik had geen baantje, want we mochten destijds niet werken naast onze studie, de woningnood was nog niet zo hoog, dus we woonden allemaal in de stad van onze studie, de studieschulden liepen nog niet zo snel op en de computers waren nog niet zo krachtig. Ik ging gewoon naar college, want dat was wat het was. Of ze altijd boeiend waren? Neuh. Sommige colleges zou ik liever versneld hebben afgedraaid en bij andere had ik liever ondertiteling gehad. Het was ook wel vaak op je horloge kijken om te zien hoe lang we nog moesten. Maar er was niets anders, dit was het aanbod. En vaak genoeg was het ook boeiend genoeg. Heel soms hadden we een gastcollege. Daar veerden we dan van op. Even een andere stem, een ander perspectief! Wat was dat verfrissend! Op een gegeven moment kreeg onze generatie studenten – ik zat toen in de masterfase – de beschikking over een OV-kaart. Ik kon elders vakken volgen en zelfs mijn masterscriptie bij een docent in een andere stad schrijven. Niet dat de docent per se beter was, maar zij was de specialist in mijn onderwerp. Ik voelde me bevrijd!

 Rond dezelfde tijd mochten wij naast onze studie gaan bijverdienen. Ondernemende studenten grepen meteen de gelegenheid aan om koerier te worden: geld vragen om pakjes van A naar B brengen terwijl de overheid voor de reiskosten opdraaide.

 Ik vraag me af hoe wij gereageerd zouden hebben als we in die tijd ook online colleges (bijvoorbeeld in de vorm van kennisclips, e-learning modules of podcasts) hadden kunnen volgen. Zouden we dat en masse gedaan hebben? Heel eerlijk gezegd denk ik van wel. Thuis, of in de trein (als koerier). Of we elkaar en de docenten dan minder goed gekend zouden hebben? Ik denk het niet. We zouden elkaar tijdens toffe borrels en dansavonden hebben ontmoet. En natuurlijk bij tijd en wijle bij een spectaculair hoor- of uitdagend werkcollege. En dat afgewisseld met af en toe een studiereis, hackathon, discussieavond of game.

 Want niets is zo demotiverend als gebrek aan afwisseling of keuzemogelijkheid...

Deze blog verscheen eerder hier en is geschreven voor het TLC. Het is een reactie op het besluit van ons CvB om de studenten te verplichten fysiek de colleges bij te wonen.

donderdag 9 april 2020

Nieuwe attractie in Nijmegen/ Lent


Twee jaar hebben we er op moeten wachten en gisteren was het eindelijk zo ver: de plaatsing van het Romeinse masker aan de (Spiegel)Waal. Het staat weliswaar nog niet z'n definitieve plek, maar een kniesoor die daar op let. Hij is mooi!

en het is nu al een attractie

Misschien nog wel minstens zo spectaculair was trouwens het vervoer per schip, nou ja, preciezer gezegd, ponton, van de 6 meter hoge gezichtshelm vanuit Millingen. Mooi in beeld gebracht door Jeroworld ook....



De originele Romeinse verzilverde gezichtshelm is overigens in niet-coronatijden in museum het Valkhof te bezichtigen, maar nu dus even niet. Jammer.

zaterdag 29 september 2018

Potje(slatijn) uit Lent


Toch wel spectaculair, een potje uit Lent dat de landelijke pers haalt. Maar het is dan ook een spectaculair potje: eentje uit de zevende eeuw voor Christus met inscriptie. De letters van het opschrift zijn weliswaar onleesbaar, maar een kniesoor die daar op let, want het schrift was eigenlijk nog helemaal niet aangeland in onze streken in deze tijd.


Dat het potje hier gemaakt is, kan men zien aan de klei die gebruikt is. Het waarschijnlijk dat de (nep)letters er op gekrast zijn door iemand die op een van z'n (handels)reizen wel eens schrifttekens had gezien en ze uit z'n hoofd heeft nagetekend. Of door iemand die vanuit meer ontwikkelde gebieden naar het noorden verhuisd is. Daar kan men slechts naar gissen, en dat is wat archeologie zo leuk maakt: die raadsels!

Het lijkt een beetje alsof een kleuter de letters van z'n grote broer of zus probeert na te krassen: 'kijk, ik kan ook schrijven!'

Een bijzonder dorp toch, waar we in wonen. Vooruitstrevend ook.

donderdag 20 oktober 2011

Trapveldje (5)


Verschillende mensen hebben me de laatste tijd gevraagd hoe het nou toch met het trapveldje is. Wel, zoals hierboven dus. In de verte schiet de huizenbouw al flink op, maar rondom het veldje nog niet.

En de reden voor de trage voortgang is eigenlijk best spectaculair: er zijn belangrijke archeologische vondsten gedaan in de grond waar de nieuwbouw moet verrijzen.
En nee, deze keer niet uit de Romeinse, maar uit de Merovingische tijd - vijfde eeuw na Christus. Maar liefst 18 gave skeletten zijn er aangetroffen.
En ook vandaag waren ze weer in volle hevigheid aan het graven:



De volgende mooie foto's van de skeletten zijn onlangs gemaakt door de Lentse Lucht:

Ik houd jullie op de hoogte!

zaterdag 27 juni 2009

Archeologisch vondstje


Het was zo'n klein berichtje, dat het me bijna ontgaan was: de onthulling van een miniscuul namaakopgravingsvondstje in Madurodam. Het is een schaalmodelletje van het Romeinse wrak dat in 2003 in Leidsche Rijn is opgegraven. Gossie.