Posts tonen met het label Noorwegen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Noorwegen. Alle posts tonen

vrijdag 5 januari 2024

Informatievaardigheden en het gevoel


Sorry mensen, ik loop door omstandigheden een beetje achter met het maken van verslagjes over de ECIL-conferentie van oktober. Hierbij nog een stukje dat niet mag ontbreken.

Een mooie en duidelijke presentatie op de ECIL was die van Ellen Nierenberg, die haar PhD deed in Tromsø (Noorwegen). Via Facebook (sinds onze Erasmusuitwisseling naar die stad) zijn we namelijk vrienden) had ik er al iets van meegekregen - ze hield een weblog bij over haar onderzoekservaringen en deelde haar posts daar - maar ik was natuurlijk weer te lui om de dissertatie in z'n geheel te lezen.

Voordat zij aan haar proefschrift begonnen was, wist ze al dat ze niet tevreden was met de vigerende definitie van informatievaardigheden; ze vond dat er een aspect miste, namelijk het gevoel/ de emotie bij het zoeken naar en beoordelen van informatie. Zij vindt dat het moet gaan om de trits kennis, vaardigheden en houdingen (met andere woorden weten, doen en voelen).

Tevens was ze niet tevreden met de bestaande meetmethoden, dus ook die heeft ze zelf ontwikkeld. Ze heeft vragenlijsten uitgestuurd met als belangrijke factor interesse, omdat dat een belangrijke indicator is voor de 'leerzin' en dus het succes van de cursussen. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt namelijk dat hoe gemotiveerder de student is, des te meer de interesse in de stof blijft bestaan, onafhankelijk van de situatie.

De groei of afname in de loop van de jaren van de verschillende aspecten die ze onderscheiden heeft (weten, doen en voelen) heeft ze ook gemeten. De conclusie was dat er zowel bij alle aspecten afzonderlijk als ten opzichte van elkaar groei waarneembaar was en dat de aspecten tevens steeds meer in elkaar grepen. Dat proces heet transformatief leren (de transformatie gebeurt in de steeds groter wordende overlap van de verschillende aspecten).

In de latere fase van haar onderzoek heeft ze ook het aspect 'kritische reflectie op jezelf' toegevoegd: 'voel je je nog dezelfde persoon als vóórdat je deze kennis had verworven?' Daarbij doelde ze onder andere op vertrouwen, wat immers ook een gevoel is. 

Eén van de vragen bij deze vragenlijst was of het ook een kwestie van leven of dood zou kunnen zijn of je deze kennis (de informatievaardigheden dus) bezit en het antwoord was verrassend vaak: ja!

Benieuwd geworden? Lees hier haar thesis.

maandag 21 januari 2019

Interview als Erasmus+ ambassadeur

Tromso by night

Aangezien ik graag gebruik maak van Erasmus+ subsidies voor kijkjes in buitenlandse keukens, ben ik bij ons op de universiteit benoemd tot ambassadeur voor Erasmus + staftrainingen. In het kader daarvan heb ik een interview gegeven (ja, je maakt wat mee als ambassadeur) om andere mensen te inspireren hetzelfde te doen; het verrijkt jezelf en je instelling echt!

Zie hier het interview.

Of lees het gewoon hieronder (maar als het goed is kennen jullie de verhalen al):

Inspirerend kijkje in de keuken bij Noorse collega’s

“Scandinavië loopt flink voor op het gebied van onderwijs; voor mij dé reden om een kijkje te nemen bij onze collega’s in het hoge noorden”, zegt Monique Schoutsen. Zij is informatiespecialist bij de Radboud Universiteit Nijmegen en ondernam vier jaar geleden dankzij Erasmus+ subsidie een reis naar Helsinki. Begin dit jaar bezocht ze het Noorse Tromsø.
“Dankzij herhaaldelijk congresbezoek kennen mijn collega-informatiespecialist bij de universiteitsbibliotheek van Amsterdam en ik veel mensen van de universiteit van Tromsø. We zaten op één lijn en hadden veel over elkaars bibliotheken en werk gehoord. We besloten samen een project op te zetten: ‘Open data in teaching’, met als doel het stimuleren van open science in het algemeen binnen de universiteit en open data in het bijzonder. Door het project leerden we meer van elkaars werkwijze rondom het geven van onderwijs met behulp van open data”, vertelt Schoutsen.

Uitwisbare inkt en Tinder
Tijdens het project maakten de informatiespecialisten veel gebruik van Skype, waardoor ze elkaar nog beter leerden kennen. Een volgende stap was een uitwisseling over de grens. Met behulp van subsidie van Erasmus+ werd de reis naar Tromsø aangevraagd. “Vier jaar geleden ben ik al naar Helsinki geweest voor een georganiseerde stafuitwisseling. Helsinki is het onderwijs-‘walhalla’; ze hebben er een fantastische universiteitsbibliotheek en ik deed er veel inspiratie op. Zo was ik bij de wiskundefaciliteit, waar het gebruik van papier tot een minimum is teruggebracht door het gebruik van tafels waar studenten met stiften met uitwisbare inkt hun formules kunnen uitschrijven. Ook lopen er overal op de campus studenten rond in herkenbare hesjes die andere studenten helpen en in ruil daarvoor studiepunten verdienen. En wat ik ook bijzonder vond: ze hebben er een soort universiteitsvariant van Tinder om studiegenootjes met dezelfde interesses te vinden! Je merkt aan mijn enthousiaste verhaal dat een kijkje in de keuken van een universiteit in het buitenland enorm inspireert.”

Beeldcontact
Van deze eerste reis naar Helsinki wist Schoutsen al dat het aanvragen van de subsidie wel wat tijd en aandacht kost. “Er komt veel papierwerk bij kijken waar je écht voor moet gaan zitten, maar toch: het is de moeite waard. Ik kan iedereen een dergelijke buitenlandervaring aanraden.” Ook de tweede buitenlandreis, vier jaar later, beviel haar goed. “Samen met een informatiespecialist uit Amsterdam en met mijn collega van de Radboud Universiteit, reisde ik af naar Tromsø. Het was fascinerend om deze plaats in de winter te bezoeken: het was de hele dag donker, we hebben het Noorderlicht gezien en er lag natuurlijk veel sneeuw!”
De universiteit van Tromsø was voor Schoutsen meer dan een bezoek waard. “Scandinavië lijkt enorm voor te lopen op het gebied van onderwijs, maar ook qua gebruik van open source software. Op de universiteit van Tromsø hebben ze bijvoorbeeld geen telefoons meer op de campus, ze doen alles via Skype. Dat had mijn Noorse collega natuurlijk wel kunnen vertellen, maar door zelf op de campus rond te lopen en dergelijke principes in werking te zien, ervaar je het toch anders. Ik zag dat het fantastisch werkt om altijd beeldcontact te hebben. Je hebt zelfs met mensen op een andere locatie op de campus persoonlijk contact.”

Open mind
Schoutsen ging, zoals zij het zelf omschrijft, met een ‘open mind’ op reis. “Ik heb me niet uitgebreid vooraf voorbereid; ik wilde het vooral ervaren in de praktijk. Op congressen en in papers lees je vaak hoe andere universiteiten het doen, maar als je het ziet komt het pas echt binnen. Door bij thuiskomst mijn ervaringen uitgebreid te delen, onder meer in een blog, maak ik anderen enthousiast. De mensen die meedoen aan dergelijke mobiliteitsprogramma’s zijn over het algemeen heel ruimdenkend en internationaal georiënteerd. En je Engels krijgt er een enorme boost van!”

tekst: Daphne Doemges-Engelen van textworld

Zie hier de staftrainingen voor dit jaar

woensdag 24 januari 2018

Noorwegen - de avonturen


Nee, natuurlijk zouden wij nooit twee uur gaan rijden om het noorderlicht te gaan bekijken. Als we het toevallig zouden zien, dan zou het mooi meegenomen zijn. We zouden gewoon bij Tromsø de berg opklimmen, een beetje bij het stadslicht weggaan, dan zou het vanzelf wel op ons pad komen. Dachten we op woensdag nog. Want we hadden van de Noren zelf gehoord dat zij het noorderlicht soms toevallig zagen als ze de vuilniszakken buiten zetten, of buiten een sigaretje opstaken. Dus zoiets zou ons ook zo maar kunnen overkomen.

Maar ja, wij waren er maar een week, dus het moest er die week eigenlijk wel van komen, die toevallige ontmoeting. En uiteindelijk hebben we dat toeval een handje geholpen door toch maar een tour te boeken op de zaterdagavond, de avond voor ons vertrek. Laten we het op oplaaiend enthousiasme houden. Garantie overigens niet verzekerd volgens het organiserend bedrijfje, maar het werd een succes: we zagen het noorderlicht in z'n volle glorie, met dansende banen en al. Het kwam en het ging en het was spectaculair. Soms was het zo groen, dat het paars werd. Het was dan ook Kp 4 die avond, een best gunstige waarde qua geomagnetische activiteit in de lucht. Ja, we zijn echte kenners geworden.


En tussendoor konden we genieten in de speciaal voor ons opgezette tenten waar een vuurtje was om je aan te warmen, en heerlijke thee, koffie en chocomel werd geserveerd. O ja, en worstenbroodjes en pannekoekjes voor je werden gebakken. Wat maakte het uit, dat het pas drie uur was voordat we thuis waren? We zouden in het vliegtuig wel slapen. En reken maar dat we dat gedaan hebben.

Vooral ook omdat we ook al een sleehondentocht achter de kiezen hadden op die dag, terwijl we eigenlijk van start waren gegaan met een walvissentocht, die halverwege echter afgebroken werd omdat een van de motoren van de catamaran het begaf. Tja, en dan moet je wat, nietwaar?


En de rest van de week was ook al behoorlijk intensief geweest, met werken (ja, daarvoor kwamen we eigenlijk), gezellige avondjes uit eten (meestal in een restaurant: rendier en kabeljauw met kaviaar zijn daar zeer aan te raden, maar ook een keer bij Helene, onze Erasmuspartner, thuis, alwaar we onder andere kabeljauwlever voorgeschoteld kregen: goed om het vitamine D-tekort door de ultrakorte pooldagen aan te zuiveren), het filmfestival, de Ølhallen (øl is bier en minstens even duur als olie - een rondje bier voor 5 personen kostte 55 euro...) en de airbnb-avonturen (tien keer gevallen op de gladde oprit en bovendien zelf ontbijt en lunch maken).


Kortom, een heerlijke week in het Parijs van het Noorden!

maandag 15 januari 2018

Open data in teaching, kunnen wij het maken?

vliegveld Tromsø

Mensen die met mij bevriend zijn op Facebook, zullen gedacht hebben dat mijn reis naar Noorwegen een soort snoepreis was met alleen maar geweldige tripjes met sprookjesachtige hondensleeën en noorderlichtervaringen, maar niets is minder waar.


Skypemeeting met wetenschapper in Princeton
We hebben namelijk (ook) keihard gewerkt aan ons project Open Data in Teaching. Niet dat het al iets concreets heeft opgeleverd, behalve de fundamenten om verder op te bouwen, maar de consensus over wat we precies gaan doen en waarom is bereikt, de literatuur is verzameld, de doelen zijn aangescherpt, de platforms zijn uitgekozen, het advies bij verschillende partijen is ingewonnen, de taken zijn verdeeld, de voorlopige naam is gekozen, de wetenschappers en onderwijs- en datawerkgroepen zijn gepeild, kortom, het project kan straks écht goed voorbereid van start gaan.


In april, als de Noorse collega's bij ons op bezoek komen, kunnen we ons 'huisje' (module) met behulp van de aangescherpte tekeningen, platforms en verzamelde legosteentjes eindelijk ook gaan bouwen. Dat is natuurlijk het leukste gedeelte, maar het moet wel tegen een stootje kunnen; de ambities liggen hoog. We willen namelijk gaan bereiken dat ons huisje overal ter wereld gebruikt gaat worden en ondersteund en gepromoot gaat worden door grote Europese en wereldwijd opererende organisaties als FOSTER, JISC, RDA en DCC.

Dus onderwijl zullen we niet stilzitten en ons verder in gaan lezen in de research data, open science movement, information- en data literacy en leertheorieën. En ons in de software (WordPress en KnightLab) bekwamen natuurlijk. In plaats van in OpenEdX, wat ons oorspronkelijke idee voor het te gebruiken platform was; gaandeweg zijn we namelijk gaan inzien dat we beter een inspirerend lessenplanpakket dan een cursus voor de docenten die serieus iets met het gebruik van open data in hun colleges willen gaan doen, kunnen gaan ontwerpen. Eén van de resultaten van deze week.

Naast het project zelf hebben we ook nog andere dingen ervaren en geleerd, zoals:
- het gemak van werken met Google Drive en Padlet voor de brainstormsessies,
- het feit dat je op een universiteit alle telefoons kunt innemen en de medewerkers kunt verplichten alleen nog maar te skypen (echt waar, dat is de switch die een jaar geleden op de hele campus van de universiteit van Tromso ingevoerd is)
- de werving van PhD's voor de bibliotheek om onderzoek te doen (bijvoorbeeld onderzoek naar informatievaardigheid en bibliometrics) in samenwerking met de faculteit
- waar samenwerking tussen de data- en onderwijsmensen toe kan leiden

Ik gun alle medewerkers van de bibliotheek zo'n inspirerende Erarmus-uitwisselingsweek, dus pákken die kans als je kunt!

Voor een voorbeeld van het sociale gedeelte, zie hier.

Inmiddels hebben we ook een projectwebsite op basis van deze week: Udit (Use Data In Teaching)

vrijdag 5 januari 2018

Voorbereidingen voor Noorwegen


Komende zondag ga ik (weer, de vorige keer was in Helsinki) voor een weekje op uitwisseling - naar Noorwegen. Tromsø om precies te zien. Niet alleen deze keer gelukkig (hoewel het de vorige keer in Finland prima uit te houden was), maar samen met collega Mijke Jetten (project manager research data management support van onze UB) en Harrie van der Meer (coördinator informatievaardigheid van UvA/ HvA).

We gaan daar met onze Noorse collega's (Helene en Torstein) proberen een online cursus/ toolkit over het gebruik van open research data proberen te maken. We zullen ons daarbij voornamelijk op de docenten van het wetenschappelijk onderwijs richten: hoe kunnen zij bij hun studenten het gebruik van Open Data stimuleren?

In april komen ze bij ons om de cursus af te maken. Dat is tenminste de planning.

Maar okay, Noorwegen. Daar is het best koud in januari. Dus we hebben om kledingadvies gevraagd. We kregen een hele waslijst aan adviezen mee: waterdichte gewatteerde ski-jassen, snowboots of leren laarzen met spikes, thermo-ondergoed, sjaals, handschoenen, mutsen...

Wij ons best gedaan, zien we de weersvoorspellingen, worden er temperaturen van rond het vriespunt voorspeld. Nou moe, daar heb je geen thermo-kleding voor nodig....